Paulus stilgezet

Meditatie | Romeinen 7:9b | Paulus stilgezet

Romeinen 7:9b

„Maar als het gebod gekomen is, zo is de zonde weder levend geworden, doch ik ben gestorven.”

Paulus was burgerlijk opgevoed. Ten slotte werd hij een heet vervolger, verdrukker en lasteraar. De Heere overtuigde hem eerst van zijn vervolging, en riep tot hem van de hemel: „Saul, Saul, wat vervolgt gij Mij?” Dit trof hem in het hart, en toen werd de zonde levend (Rom. 7:9). Vele verborgen zonden van zijn hart werden ontdekt, hetgeen ik meen dat begonnen is en vooral die drie dagen geduurd heeft, toen hij blind was, en door gezicht van zonden en droefheid des harten niet at noch dronk (Hand. 9:9).

Iemand die de pest heeft, zal hoop van leven hebben als hij de ziekte niet kent. Maar als hij de vlekken en tekenen van de dood op zijn huid ziet, dan kermt hij, aangezien hij overtuigd is dat de plaag van de Heere op hem is. Zo ook, wanneer de mens een of meer bijzondere zonden ziet uitbreken. Dan is hij overtuigd van zijn beklagenswaardige staat.

Hoewel het gewoonlijk zo toegaat, is het zo niet altijd gelegen. Want sommigen kan de Heere overtuigen van zonden, door hen te tonen de zondigheid van hun eigen hart en wegen. De Heere kan iemand zijn blindheid laten zien, zijn grote hardheid des harten, zijn zwakheid, zijn moedwilligheid, zijn harteloosheid, dat hij niet kan bidden, noch tot God opzien. Of ook dat alles wat hij doet zondig is, als levend buiten Christus.

Thomas Shepard, predikant te Cambridge (Amerika) (”De gezonde gelovige”, 1685)