Nodiging

Mattheüs 11:28

„Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven.”

Dat Gods genadedeur ook zelfs nog openstaat voor diegenen die al meer dan eens in dezelfde zonde zijn gevallen, kan uit de volgende bewijzen duidelijk afgeleid worden. We weten immers dat de deur in het algemeen onbepaald en zonder onderscheid voor alle boetvaardige zondaren openstaat, zo ook voor de boetvaardigen die weer ingestort zijn. Zie deze duidelijke teksten: „Deze,” zegt Petrus, „geven al de profeten getuigenis, dat iedereen, die in Hem gelooft, vergeving der zonden ontvangen zal door Zijn Naam” (Hand. 10:43). Insgelijks Christus: „Komt herwaarts tot Mij, allen die belast en beladen zijt, en Ik zal u rust geven” (Mat. 11:28). En Jesaja: „O alle gij dorstigen, komt tot de wateren, en gij die geen geld hebt, komt, koopt en eet, ja komt, koopt zonder geld en zonder prijs, wijn en melk” (Jes. 55:1).

Zoals ook Paulus: „Maar nu is de rechtvaardigheid Gods geopenbaard geworden zonder de wet, hebbende getuigenis van de wet en de profeten, namelijk de rechtvaardigheid Gods door het geloof van Jezus Christus tot allen en over allen, die geloven, want daar is geen onderscheid” (Rom. 3:21-22). Indien God u nu uitsloot, dan was Zijn genade niet voor alle bekeerden, maar naardien ze voor alle bekeerden is, waarom bent u dan uitgesloten? Omdat God bijzonder en met name degenen die weer ingestort zijn, tot Zijn genade roept en nodigt.

Wilhelmus Saldenus, predikant te Enkhuizen

(”Een christen vallende en opstaande”, 1662)