God als Rechter

Romeinen 2:4

„Of veracht gij de rijkdom van Zijn goedertierenheid en verdraagzaamheid en lankmoedigheid, niet wetende dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt?”

Mannen en vrouwen, van wie de grootste zorg bestaat uit het vergaderen van wereldse goederen, of die alleen maar hun krachten geven aan de tijd en de zorg van hun lichaam! Grijsaards, die nog niets hebben voor de eeuwigheid, en toch gerust en zorgeloos zijn! Omdat niet haastig het oordeel over de boze daad geschiedt, is het hart van de kinderen der mensen in hen vol om kwaad te doen.

Hoe denkt u over uzelf? Denkt u dit, dat u het oordeel Gods zult ontvlieden? Of veracht u de rijkdom van Zijn goedertierenheid en verdraagzaamheid en lankmoedigheid, niet wetend dat de goedertierenheid Gods u tot bekering leidt? Maar naar uw hardigheid en onbekeerlijk hart vergadert u uzelf toorn als een schat, in de dag van toorn en van openbaring van het rechtvaardig oordeel Gods! (Romeinen 2:5). Toen over de gehele wereld de watervloed kwam, wat een benauwde tijd was het toen op de aarde! Maar wat zal het niet zijn als die geduchte tekenen van des Heeren komst daar zijn. Als de zon verduisterd wordt en de maan haar schijnsel niet meer geeft, en de sterren van de hemel zullen vallen (Mattheüs 24:29). Als de Heere komt op de wolken des hemels in al Zijn heerlijkheid, om die vreselijke gerichtsdag te houden, waarop Hij als een wrekend Rechter zal verschijnen voor hen die in dit leven Zijn Woord versmaad hebben?

Ds. G. F. Gezelle Meerburg, predikant te Almkerk

(”Leerrede over Lukas 12:54-57”, 1838)