Getuigenis

Romeinen 8:16

„Die Geest getuigt met onze geest, dat wij kinderen Gods zijn.”

Met recht mag de Heilige Geest de naam van Trooster dragen, omdat Hij de ziel van Gods kinderen komt troosten in al hun wederwaardigheden, naar ziel of lichaam. In de zwaarste verzoekingen komt deze ”Parakletos” hen sterken en troosten, zodat zij de verzoeking kunnen weerstaan. Zij roemen zelfs in de verdrukking, omdat die lijdzaamheid werkt. En hoop, en bevinding, die niet beschaamt, omdat de liefde Gods in onze harten is uitgestort, door de Heilige Geest. Zijn werk is troosten. Dus was Hij al in het Oude Testament om Gods volk te troosten. Hij is de Zoon van de levende God. Wanneer Petrus die heerlijke belijdenis deed, dat Jezus de Zoon van de levende God is, uit naam van al de apostelen, zo had vlees en bloed hem dat niet geopenbaard, maar Zijn hemelse Vader. Zij hadden de Heilige Geest ontvangen toen de Zaligmaker op Zijn apostelen blies. Zo staat het vast dat de Heere Jezus de Heilige Geest zenden zou. Verstaat hier een buitengewoon zenden van die Geest, waardoor wij met verscheidene gaven zouden bedeeld worden. Zoals geschied is op de pinksterdag, toen de Heilige Geest op ieder van hen kwam.

Jodocus van Lodenstein, predikant te Utrecht (”De heerlijkheid van een waar christelijk leven uitblinkende in een godzalige wandel”, 1767)