Bijzondere overtuiging

Romeinen 3:19b

„Opdat alle mond gestopt worde en de gehele wereld voor God verdoemelijk zij.”

De Heere Jezus overtuigt de ziel door Zijn Geest; niet alleen in het algemeen, dat men een zondaar is, maar de Heere voert een overtuigend bewijs aan van de bijzonderheden. De algemene overtuiging wordt in deze dagen meer geleerd door overlevering, door verhalen en bekentenissen van ieder mens, dan door enige bijzondere daad van overtuiging door de Geest van Christus. Want wie ligt niet onder de overtuiging, dat hij een zondaar is? De besten zeggen dat ze zondaars zijn: „Ik weet, dat ik een zondaar ben.” Indien wij zeggen dat wij geen zonden hebben, bedriegen wij onszelf.

Maar waarvan de Geest bijzonder overtuigt, is enige bepaalde zonde. De Geest grijpt de mens niet aan om algemene misdrijven, maar Hij legt hem de daad voor en toont hem de bijzondere oorzaken en zonden. Wij beschuldigen, zegt de apostel, Joden en Grieken dat ze allen onder de zonde zijn (Romeinen 3:9). Maar hoe overtuigt de apostel –die een instrument van de Geest is– hen hiervan, in dit werk van overtuiging? Zie zijn wijze van handelen in Romeinen 3:10-20. Daar kunt u zien, dat het gedaan wordt door het optellen van bijzonderheden. Van zonden van hun natuur: er is niemand rechtvaardig. Zonden van hun hart: er is niemand die verstandig is. Zonden van hun wil en genegenheden: er is niemand die God zoekt, zij zijn allen afgeweken.

Thomas Shepard, predikant te Cambridge (Amerika) (”De gezonde gelovige”, 1685)