Bewogenheid

Jesaja 55:7

„De goddeloze verlate zijn weg, en de ongerechtige man zijn gedachten; en hij bekere zich tot de Heere, zo zal Hij Zich zijner ontfermen, en tot onze God, want Hij vergeeft menigvuldig.”

Probeer toch bedaard aan uzelf te denken. U bemint de strengste toetsing en het allernauwkeurigste onderzoek om in een zaak van zo’n eeuwig gewicht als het behoud van uw zielen is, niet bedrogen te worden. U hebt het grootste recht. Maar u moet ook zorgvuldig toezien dat u zich, door begeerte naar waarheid en oprechtheid gedreven, door de bekerende genade van de Heere die aan u bewezen is, niet zonder reden verdenkt en uzelf in een dankbare voortgang verhindert. Wij schrikken dan, zoals u voor een lichtvaardige behandeling van een ziel. Wij beminnen uw zielen met ons gehele hart, maar zijn ook innerlijk bevreesd dat onze liefde kwalijk bestuurd zou worden en in de grootste haat veranderen, door u lichtvaardig te behandelen. U bent ons dierbaar, maar de waarheid is ons nog dierbaarder. Wij zullen daarom het onderzoek zo nauwkeurig maken als ons altijd mogelijk is en daarin zo streng handelen als het altijd geoorloofd is. Wij zullen u de zuivere waarheid voorstellen. Kunt u daarbij staan? Sta dan. Moet u daarbij vallen? Val dan. Het zal ons aangenaam zijn dat u en de waarheid beide blijven staan. Maar als een van beide vallen moet, zou ik liever zien dat ik en u, en alle schepselen vielen, en de waarheid bleef staan, dan dat ik de waarheid zou verkrachten om u staande te houden.

J. C. Appelius, predikant te Zuidbroek en Muntendam

(”Aanmerkingen over het recht gebruik van het Evangelie”, 1762/1763)