„Kerken moeten terroristen niet in de kaart spelen”

Kerkgebouw van de gereformeerde gemeente te Gouda. Beeld Jaap Sinke Jaap Sinke
2

Terreuraanslagen en de dreiging daarvan werpen hun schaduwen over Europa. Britse kerkleiders kregen deze week instructies voor de beveiliging van hun kerkgebouwen. Vooralsnog is dat bij ons niet nodig, reageren Nederlandse kerken nuchter. Toch treft een enkele gemeente maatregelen.


Niet angstig, wel wakker

Het is moeilijk voor te stellen dat Nederlandse christenen tijdens een kerkdienst het slachtoffer zouden kunnen worden van een terreuraanslag. Maar een Parijse gemeente ontsnapte onlangs maar net aan een dergelijk drama. Is het tijd voor veiligheidsmaatregelen?

IS heeft Europa in het vizier, dat werd gisteren eens te meer duidelijk na de lugubere aanslag op een fabriek in de buurt van de Franse stad Lyon. De extremistische organisatie maakt haar dreigementen waar. Dit voorjaar bleek dat eveneens uit de berichten over verijdelde aanslagen op kerken. Niet alleen in Parijs, maar ook in het Duitse Bremen voorkwam de politie een terreuraanslag. Islamisten hadden het voorzien op de synagoge en de dom in de stad. Bij het horen van het nieuws over terreurdaden dringt zich bij veel christenen onwillekeurig de vraag op: Hoe groot is de kans dat fundamentalisten kerkgebouwen in Nederland –misschien wel mijn eigen gemeente– op de korrel nemen? Sommigen stellen de vraag hardop, in huiskamers of aan het schoolhek. Misschien wat besmuikt: de dreiging die ervaren wordt, staat immers in geen verhouding tot de angstige omstandigheden van christenen in Irak, Nigeria of Kenia. Maar toch ook enigszins ongerust. Stel, dat…

De Britse organisatie Barnabas Fund neemt de dreiging van het moslimterrorisme uiterst serieus. Afgelopen dinsdag organiseerde de organisatie, die zich inzet voor vervolgde christenen in door moslims gedomineerde landen, een conferentie voor Britse kerkleiders over de vraag hoe zij hun kerkgebouwen kunnen beschermen tegen een aanslag door IS. De besloten trainingssessie werd geleid door dr. Patrick Sookhdeo, internationaal directeur van de organisatie en voormalig islamadviseur bij het Britse ministerie van Defensie. In een aankondiging stelde Barnabas Fund: „Gezien de dramatische groei van IS in het Midden-Oosten en de toegenomen antichristelijke retoriek en aanvallen van deze groep, kan de mogelijkheid van een IS-aanval op Britse kerken niet worden uitgesloten.”

De kerkleiders kregen dinsdag praktisch advies over hoe zij veiligheidsmaatregelen kunnen nemen zonder mensen onnodig te alarmeren of de opdracht van de kerk te belemmeren. Het is een reactie die wat overbezorgd lijkt. Voor Nederlanders althans. Nuchterheid typeert op dit moment de houding van de Nederlandse kerken. Een enkele gemeente bezint zich op lokaal niveau op haar verantwoordelijkheid voor de veiligheid van gemeenteleden bij toegenomen terreurdreiging. Landelijke richtlijnen of protocollen zijn er echter niet, geven de kerkelijk bureaus van de Christelijke Gereformeerde Kerken, de Hersteld Hervormde Kerk en de Gereformeerde Gemeenten aan.

Spanning

Maar hoe groot is het risico op een aanslag op joodse en christelijke doelen in Nederland nu werkelijk? Is het inderdaad raadzaam om veiligheidsmaatregelen te treffen? Moet de kerkdeur hermetisch dicht of moeten we die –toch, juist– openlaten?

Feit is dat Nederland voorkomt op de lijstjes van terroristische organisaties, zegt Liesbeth van der Heide, onderzoeker en docent bij het Centre for Terrorism and Counterterrorism (CTC) in Leiden. Dat heeft onder meer te maken met de betrokkenheid van Nederland bij de coalitie die strijdt tegen IS en met de uitlatingen van PVV-Kamerlid Wilders. Wilders heeft dan ook te maken met een specifieke dreiging aan zijn adres, in tegenstelling tot kerken. Kerken lopen op dit moment geen extra groot gevaar, zegt ook de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV). Van der Heide: „Maar we moeten ook niet doen alsof de kans er niet is. De propaganda van IS geeft hier aanleiding toe, hoewel een joodse instelling of sjiitische moskee eerder doelwit zal zijn.”

Het dreigingsniveau in Nederland wordt onder meer bepaald door het volgen van IS-sympathisanten en het analyseren van sociale media. Volgens Van der Heide blijkt uit zeer recent onderzoek dat de spanningen tussen sjiieten en soennieten in Nederland zijn toegenomen. „Je ziet dat er al meerdere momenten van spanning zijn ontstaan. Waar het gaat om Nederlandse kerken is hier geen sprake van.”

Angst

Concrete dreiging is er dus niet. Wel vormen kerken, in het algemeen, een doelwit. Kunnen we iets met die wetenschap? „Na een aanslag, zoals die op de redactie van het Franse tijdschrift Charlie Hebdo, schiet iedereen in de modus ”daar moeten we wat mee”, zegt de Leidse terrorismeonderzoeker. „Maar eigenlijk kun je weinig doen. Wanneer je in actie komt zonder dat je concrete aanwijzingen hebt, maak je burgers banger dan nodig en is de inzet van middelen nutteloos. Wat we vooral niet willen, is dat iedereen zich door een soort irrationele angst laat leiden. Terrorisme is gericht op het creëren van angst. Als wij allemaal, zonder dat daartoe een aanleiding is, vanuit angst gaan handelen, heeft die terrorist zijn doel al bereikt. Wees op een normale manier waakzaam, maar ga vooral niet terroristen in de kaart spelen door op basis van mogelijkheden te gaan acteren.”

Pas als er concrete aanwijzingen voor een aanslag zijn, is het raadzaam om in actie te komen, stelt ze. „In dat geval stap je naar de politie of de inlichtingendiensten. Eerder nog zullen de inlichtingendiensten zelf acteren als ze aanwijzingen hebben.”

Dat betekent niet dat kerken hun ogen dan maar moeten sluiten voor wat er in Kenia en Nigeria gebeurt, meent Van der Heide, zelf lid van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt. „Vanuit mijn christelijke achtergrond vind ik het belangrijk dat kerken een maatschappelijke rol vervullen en een stem hebben in het debat, zoals in de discussie over Syriëgangers. Verschillende politici roepen: „Ik heb ze het liefst het land uit.” Dat getuigt, vind ik, van een heel beperkte blik op de samenleving. Op die manier schoppen wij het probleem over de grens. En al die burgers in Syrië en Irak dan? Ik vind het de taak van christenen en kerken om daar oog voor te hebben.”


Kerkdeur op slot tijdens activiteiten

De kerkenraad van de gereformeerde gemeente in Gouda kreeg de afgelopen maanden enkele vragen over de veiligheid van het kerkgebouw van de gemeente. Ook in andere gemeenten binnen het kerkverband leidden berichten over aanslagen soms tot verontruste reacties, weet L. B. Both, diaken en voorzitter van de beheercommissie van de Goudse gereformeerde gemeente en tevens secretaris van het deputaatschap kerkelijke dienstverlening.

Overigens denkt hij dat het met de angst onder kerkleden sterk meevalt en acht hij bezorgdheid of het veroorzaken van veel roering niet nodig. „We zien daar ook geen reden toe. Het is nu eenmaal een van de taken van de kerkenraad om het veilig bijeenkomen in de eredienst te bewaken. Daar horen op dit moment bepaalde maatregelen bij, net zoals dat je maatregelen treft om brand te voorkomen. We zijn wel verantwoordelijk voor de veiligheid van ruim duizend mensen.”

De beheercommissie en de calamiteitencommissie maakten afspraken met de koster van de gemeente. Hij houdt een extra oogje in het zeil en zorgt ervoor dat hij bij aanvang van de kerkdiensten op een zichtbare plaats in de hal aanwezig is. Daarnaast zijn tijdens de kerkdiensten de deuren niet van buitenaf te openen. Ook doordeweeks blijft de deur tijdens activiteiten op slot en wordt er nauwlettend op toegezien of er zich onbekende bezoekers aandienen. Een serieuze persoonscontrole acht de kerkenraad niet wenselijk, zegt Both. „De kerk stroomt in amper een halfuur tijd vol. Controle is dus vooral visueel. Daarnaast kunnen gemeenteleden zelf opletten wie er mee de kerk in lopen.”

Is dat gecommuniceerd naar de gemeente?

„Nee. Desgevraagd geven wij informatie. Overigens is dit allemaal vrij recent besloten, in april en mei. De lastigheid is: als je hier aandacht aan gaat geven, creëer je wellicht onrust.”

In een mail schreef u: „Als kerkleden mogen we, naast de verantwoordelijkheid die we dragen, ook hogerop zien tot de Heere Die regeert en alles gadeslaat.” Staat het nemen van maatregelen niet haaks op dat vertrouwen?

„Wanneer we erop vertrouwen dat de Heere alles onderhoudt, ontslaat dat ons niet van de verantwoordelijkheid om veiligheidsmaatregelen te nemen als dat nodig is. Als je niet aan je verplichtingen op dit punt voldoet, schiet je tekort. Waarbij je moet beseffen dat je niet alles kunt regelen.”

Bestaat het risico dat we onze open houding kwijtraken omdat we druk zijn met ons eigen lijfsbehoud?

„Even voor de nuance: voor en na de dienst is de kerkdeur uiteraard geopend. Iedereen is dan van harte welkom. Een ongastvrije houding zou haaks staan op allerlei activiteiten die we als gemeente organiseren. Ook als de kerkdienst al begonnen is, zijn mensen welkom. Alleen willen we dan wel even zien wie er binnenkomt. Dat lijkt me op zich niet verkeerd. De meeste mensen komen immers gewoon op tijd.”