Kerk in Israël ontdekt met symbolen uit synagogen

HIPPOS SUSITA – Deel van de bovendrempel met de afbeelding van een gier een slang die archeologen deze zomer vonden in een byzantijnse kerk in Hippos Susita. Deze stad ligt ten zuiden van Kursi, de plaats die de christelijke traditie identificeert met de plek waar Jezus een man verloste van een legioen demonen. De symbolen werden veel gebruikt in synagogen in Galilea en op de Golan. Foto universiteit van Haifa universiteit van Haifa

Archeologen hebben deze zomer bij een opgraving in Hippos-Susita, aan de oostzijde van het Meer van Galilea, in een byzantijnse kerk een bovendrempel gevonden met symbolen die in synagogen werden gebruikt.

Aanvankelijk dachten archeologen dat het gebouw waarvan ze het draagstuk aantroffen, een synagoge betrof. Joodse bronnen zeggen namelijk dat er een synagoge stond op deze plaats aan de oostzijde van het Meer van Galilea. Al spoedig echter ontdekten de onderzoekers dat het om een byzantijnse kerk ging.

Prof. Arthur Segal van het Instituut voor Archeologie van de Haifa-universiteit geeft twee mogelijke verklaringen voor het feit dat de bovenbalk met joodse symbolen in een kerk is terechtgekomen. De eerste is dat het gebouw eerst een synagoge was en later door christenen als kerk werd gebruikt. De tweede is dat er dicht bij de kerk een synagoge kerk heeft gestaan. Na de verwoesting daarvan zou de bovendorpel gebruikt zijn in de kerk.

De bovendrempel heeft de afbeelding van een gier en een slang, die in het gebied voorkwamen. Deze symbolen werden veel gebruikt in synagogen in Galilea en de Golan, aldus Michael Eisenberg, assistent van de projectdirecteur. Van de synagoge is nog niets teruggevonden, maar mogelijk wordt deze bij de opgravingen in de zomer van 2006 ontdekt.

Het onderzoek werd uitgevoerd door archeologische teams van de universiteit van Haifa, de Concordia-universiteit in St. Paul in Minnesota (VS) en de Poolse Academie voor Wetenschappen in Warschau.

Deze zomer breidde het onderzoek zich voor het eerst uit naar het zuidwestelijke gedeelte van het stadje Hippos-Susita, waar de belangrijkste woonwijk was. De archeologen legden een straat met pilaren bloot en een poort met versieringen. Ook vonden ze een deel van een fries (versierde strook van een plafond) uit de tweede eeuw voor Christus. In die tijd stond er een hellenistische tempel in de stad. Omstreeks het begin van de jaartelling werd daar een kleinere Romeinse tempel overheen gebouwd.

Hippos-Susita heeft zijn naam te danken aan de vorm van het landschap. Met een dosis fantasie kan daarin de vorm van een paard worden gezien. Het Griekse woord voor paard is ”hippos” en het Aramese woord ervoor is ”susita”. De stad ligt aan de oostzijde van het Meer van Galilea en ten zuiden van Kursi, de plaats die de christelijke traditie identificeert met de plek waar Jezus een man verloste van een legioen demonen.

Hippos-Susita werd waarschijnlijk gesticht omstreeks 200 voor Christus door de Syrische Seleuciden of de Egyptische Ptolemaeën. Alexander Jannaeus (103-67 voor Chr.) plaatste de stad in de Decapolis, een groep van tien steden, waardoor hij hoopte de Grieks-Romeinse cultuur te verspreiden. De stad heeft zijn grote welvaart in de Romeinse periode (37 voor Chr.-324) en de byzantijnse periode (324-640) te danken aan het feit dat hij lag aan de weg tussen de grote stad Scythopolis (ten zuiden van het meer van Galilea bij het huidige Beth Shean) en Damascus. In 749 ging de stad ten onder bij een zware aardbeving.