Joodse feesten centraal op Israëlavond EMG

In de pauze was er ruimte voor ontmoeting. Spreker ds. W. Silfhout in gesprek met bezoekers. beeld André Dorst
2

Wat kunnen we leren van de Joodse feesten? Niet alleen om er kennis van te nemen, maar ook om de geestelijke betekenis ervan te verstaan in onze tijd, stelde ds. W. Silfhout.

De emeritus predikant van de Gereformeerde Gemeenten belichtte vrijdagavond op een abonneeavond van de Erdee Media Groep in Apeldoorn enkele aspecten van het Paasfeest, Pinksteren en het Loofhuttenfeest.

Het Joodse Pascha markeert de uittocht van het volk uit Egypte. Het christelijke Pasen markeert het offer van het Paaslam Christus, aldus ds. Silfhout. „De Joden miskennen dat Jesaja 53 betrekking heeft op de Messias.”

Aan het Joodse paaslam werden eisen gesteld. Zo moest het moest volkomen zijn, zonder gebrek. Het moest van het mannelijk geslacht zijn. Ds. Silfhout: „Zo is Christus voor ons het Paaslam. Het Joodse Pesach is verbonden met onze Goede Vrijdag.”

Sjavoeot is het Joodse oogstfeest. Tussen het oogstfeest en de uitstorting van de Heilige Geest op de Pinksterdag ziet de predikant uit Capelle aan den IJssel een relatie. Evenals tussen onze dankdag en de wetgeving op de Sinaï. „Sjavoeot is het slotfeest van de oogst. In de christelijke kerk is Pinksteren geen slotfeest, maar tekent dat feest het heil dat Christus voor Jood en heiden heeft aangebracht. Pinksteren is de vervulling van het werk van Christus.”

Het Loofhuttenfeest is vervuld in Christus, stelde ds. Silfhout, verwijzend naar wat Johannes schrijft in Johannes 1:14 „Het woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond.” „Laat het Loofhuttenfeest het feest zijn van de Joden, voor ons tekent het de komst van de Zaligmaker.”

Op de vraag of er nog onvervulde beloften zijn voor het Joodse volk, zei ds. Silfhout dat we solidair moeten zijn met hem omwille van de beloften die gedaan zijn aan de vaderen. „We moeten het volk tot jaloersheid verwekken, zodat ze de Messias leren kennen. Je kunt de Joden geen groter kwaad doen dan hen het Evangelie onthouden.”

Jodenstaat of Joodse staat

Israël is een bijzondere staat en een bijzonder land, gestempeld door de Bijbel en het Jodendom, stelde historicus dr. Bart Wallet. Het is volgens hem de vraag of het een religieus of een seculier land is. Wallet schetste hoe de Joden in de ontwikkeling van de nieuwe wereld een plek kregen. „De Joden zijn altijd een probleem geweest. Wat is hun plek en wat moet je met hen? Stond de nationale beweging open voor de Joden?”

De zionistische beweging wordt volgens dr. Wallet als een probleem gedefinieerd. Theodor Herzl (1860-1904), de vader van het moderne zionisme, zag de Joodse staat als oplossing voor het Joodse probleem.

Herzl was een politiek zionist, stelde dr. Bart Wallet. Hij wilde een Joodse staat waar de Joden gewoon mensen moesten zijn, met als doel een gewoon land te worden met een voorbeeld voor de volken.

Een Joodse staat werd ook gezien als een oplossing voor een sociaal probleem. Toen in 1948 de Joodse staat werd uitgeroepen was er volgens dr. Wallet eigenlijk al een Joodse staat.

Vervolgens deed de vraag zich voor of het een Jodenstaat of een Joodse staat heet. „Voor sommigen is het een seculiere staat met een grondwet of is de Thora de grondwet. Sommige Joden zien een terugkeer naar het land als een Messiaans proces”, aldus dr. Wallet.