Jehovah’s Getuigen mogen geen persoonsinformatie noteren

Jehova’s Getuigen mogen geen adres- en persoonlijke gegevens meer bijhouden tijdens hun huis-aan-huisevangelisatie.  beeld Shutterstock

Het Europees Hof van Justitie heeft dinsdag bepaald dat de Jehova’s Getuigen niet zomaar adres- en persoonlijke gegevens mogen bijhouden over hun huis-aan-huisevangelisatie. Dit is in strijd met de privacyregels.

Volgens het hof valt het vergaren van deze informatie onder de Europese privacywetgeving en die schrijft voor dat betrokkenen daar toestemming voor moeten geven. Het arrest is gebaseerd op de situatie in Finland.

Volgens de Nederlandse Autoriteit Persoonsgegevens heeft het hof een heldere uitspraak gedaan en heeft deze dezelfde betekenis voor Nederland. „Dat betekent dat als in Nederland Jehova’s Getuigen of andere organisaties op dezelfde wijze persoonsgegevens verwerken bij hun huis-aan-huisactiviteiten als de Finse Jehova’s Getuigen, zij er goed aan doen zorgvuldig na te gaan of dat in overeenstemming is met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en zo nodig de aanpak aan te passen.” De AVG is de nieuwe, strenge Europese privacywet die in mei definitief van kracht werd.

Woordvoerder Michel van Hilten van de Jehova’s Getuigen in Nederland laat weten dat de uitspraak van het hof grondig wordt bestudeerd. „We zetten onze huis-tot-huisevangelisatie gewoon voort, maar de uitkomst van ons onderzoek zal leren hoe we daarbij de bescherming van persoonsgegevens het beste kunnen waarborgen.”

Volgens de woordvoerder worden bij de huis-aan-huiscontacten van twee groepen enkele gegevens bijgehouden. Enerzijds is dat de groep die nadrukkelijk aangeeft niet vaker bezocht te willen worden, anderzijds de groep die interesse toont voor het volgen van een zogeheten huisbijbelstudie. „Als we bij die mensen terugkomen, is het goed te weten wat we besproken hebben, dus daar worden notities van gemaakt.” Deze notities van de Bijbelleraar zijn volgens Van Hilten niet voor anderen in te zien of toegankelijk. Bovendien worden ze vernietigd als iemand stopt.

Van de groep die niet meer bezocht wil worden, wordt een aantekening gemaakt in een database. „Als onze mensen aan het werk zijn in een straat, kunnen ze zien dat mijnheer op nummer 17 niet bezocht wil worden.” Zonder registratie wordt deze persoon toch weer lastiggevallen, en dat is volgens Van Hilten juist niet de bedoeling.

Het arrest van het Europees Hof van Justitie is gebaseerd op een lange rechtsgang in Finland. De Finse commissie voor gegevensbescherming verbood de Jehova’s Getuigen in 2013 nog langer door haar leden persoonsgegevens te laten verzamelen zonder de wettelijke privacyregels in acht te nemen.

Die regelgeving betrof de privacyrichtlijn, de voorloper van de AVG. Dat verbod werd door de rechter vernietigd nadat de Jehova’s Getuigen bezwaar hadden aangetekend. Daartegen ging de Finse commissie in beroep bij de hoogste bestuursrechter. Deze besloot het Europees Hof van Justitie om advies te vragen.

Uit het arrest blijkt dat de Jehova’s Getuigen in Finland voor hun huis-aan-huisverkondiging uitgebreide aantekeningen maken van bezoeken. Het hof benadrukt dat het arrest geen afbreuk doet aan de autonomie van geloofsgemeenschappen om zich naar eigen inzicht te organiseren.