In de Grote Kerk werd Dordtse synode geopend

Synode van Dordrecht
Grote Kerk Dordrecht. iStock
4

Vierkant rijst de onvoltooide toren van de Grote Kerk uit boven Dordrecht, ver boven kleinsteedse maten. Op 65 meter hoogte bevinden zich de vier kolossale wijzerplaten van de klok. Tonen van het carillon verwaaien in de wind. Er gaat een sprake van uit.

De toren staat zo’n twee meter uit het lood. Maar de Grote of Onze-Lieve-Vrouwekerk staat al eeuwenlang vroom en onverzettelijk aan de Lange Geldersekade. Het is een cultuurmonument bij uitstek, een tot steen geworden geloofsbelijdenis van de kerk der eeuwen. Vlakbij stroomt de Oude Maas. Aan de overkant ligt Zwijndrecht.

Dordrecht

Rondom de Grote Kerk liggen de middeleeuwen op straat. Overal is wel een oud verhaal voor het grijpen en achter menige gevel schuilt een historisch avontuur.

De kerkdeur is open. De kruisbasiliek is 108 meter lang en 24 meter breed. Hier kerken al eeuwenlang mensen uit Dordt en omstreken. Sommigen waren de weg kwijtgeraakt, zochten naar God, of misschien wel naar elkaar. Zondaren vonden hier de Weg, de Waarheid en het Leven. De tijd staat stil.

Openingspreek

13 november 1618. De Dordtse predikant ds. Balthasar Lydius beklimt de kansel. Hij houdt de openingspreek voor de Dordtse synode. Lydius spreekt over Handelingen 15:20: „…maar hun zal aanschrijven dat zij zich onthouden van de dingen die door de afgoden besmet zijn, en van hoererij, en van het verstikte, en van bloed.”

In de Grote Kerk werden na afloop van de synode ook de synodale Canones (de besluiten) voorgelezen. „De kerk moet toen stampvol hebben gezeten, zegt J. J. Rietveld (77), kenner van de Dordtse geschiedenis en leider van wandelingen door de stad. „Volgens velen hebben zo’n tweeduizend mensen die preek van Lydius beluisterd. Deze synode trok belangstelling uit het hele land, want er stonden ook grote politiek gevoelige kwesties op de agenda. Zelfs de gewone man van de straat spitste zijn oren. De synode was het onderwerp van de dag. De Grote Kerk zat zo vol dat de voorlezer er ademnood van kreeg.”

Rietveld kent de kerk als z’n broekzak. Onophoudelijk wijst hij aan en legt hij uit, over de koorruimte waar de monniken moesten blijven staan, maar stiekem toch gingen zitten, over het koorhek van marmer en koper (een geschenk van de familie Diodati), over de kansel uit 1716 (dus niet uit de tijd van de Dordtse synode), over teksten op grafzerken, de gebrandschilderde ramen, muurschilderingen en het grote orgel van W. H. Kam. Rechts in de hoek staat een groots monument met de tekst uit Jesaja Cap. XXXX: „Alle vlees is hoy, ende alle zyn cieraet is als een bloeme op den velde.”

Maquette

In een van de omgangen hangen informatiepanelen over de Dordtse synode. Daar staat ook een grote maquette van de synodevergadering waarop de synodevergadering is nagemaakt. Voorzitter Johannes Bogerman zit aan het hoofd van de vergadertafel, met een groen vilten kleed erop, vlakbij de grote schouw. Hij heft zijn hand naar omhoog, en lijkt bulderend van woede tegen remonstranten te zeggen: „Ite, ite; dimittimini!” („Gaat heen, gaat heen, jullie worden weggestuurd”).

De synode viel in tweeën uiteen. Dat was op 14 januari 1619. Het ging om de waarheid. De vraag was, kort samengevat: had de mens nu een vrije wil of niet? Wie had er nu gelijk, de rekkelijken of de preciezen, de remonstranten of de contraremonstranten?

De afgevaardigden –veel mannen met baarden, in zwarte toga, sommigen met de hoed op– zien het aan hoe de remonstranten hun biezen pakken. Op de synodetafels staan inktpotten en er liggen ganzenveren. Aan de plafondbalken hangen drie koperen kronen. Een hond loopt kwispelend door de synodezaal.

Onenigheid

Een ouder echtpaar dwaalt stil door de enorme kerkruimte. Het zijn Rob Barzilay met zijn vrouw. Hij weet wel iets over de Dordtse synode. „Dat ging over de Drie Formulieren van Onenigheid. Van onenigheid, ja, want die synode gaf veel onenigheid. Dat weet ik nog wel.”

Barzilay is natuurkundige, maar zegt als gelovige wel geïnteresseerd te zijn in de Dordtse synode. „Het ging over twee Leidse hoogleraren, Gomarus en Arminius. Zij waren het niet eens. Vandaar al die onenigheid. Maar het is goed als dat allemaal nog eens wordt herdacht.”

In de kooromgang staan twee Duitsers naar het kerkdak te kijken. De Dordtse synode? Hij: „Keine Ahnung.” Zij: „Noch nie davon gehört.” In het gastenboek schreef iemand: „Mijn favoriet is Ps. 139.” Een opgeschoten joch doet een muntje in het offerblok.

Grotekerksbuurt

Rietveld (77) beent met gezwinde spoed de kerk uit, naar buiten, de Grotekerksbuurt door. „Hier moeten ze gelopen hebben, de synodeafgevaardigden, op weg naar de Kloveniersdoelen, waar de vergaderingen werden gehouden.”

Onderweg wijst Rietveld naar links, naar rechts. „In dat huis werd mr. Johan de Witt, raadspensionaris, geboren. En dat is het Pelgrimshuys, in de veertiende eeuw een herberg voor pelgrims die op weg waren naar Santiago de Compostella. En niet één gevel is hier hetzelfde. Dat is toch niet te geloven.”

Op de Groenmarkt werd in de zeventiende en achttiende eeuw groente verhandeld. Links bevindt zich het hoofdbureau van politie, rechts het grote stadhuis. In de hal ervan hangt een schilderij, ”De Synode van Dordrecht”. Op de Visbrug staat een standbeeld van Jan en Cornelis de Witt.

Dordrecht kent zijn eigen Manneken Pis, zegt Rietveld. Hij wijst op een bloot ventje, in steen uitgehakt in de timpaan van een hoge gevel. „Dat huis heet niet voor niets “De Onbeschaamde”.”

Aan het einde van de Wijnstraat (daar werd wijn verkocht) ligt de Groothoofdspoort, met daarachter het Groothoofd, de rivierkade waar drie rivieren samenkomen, de Oude Maas, de Merwede en de Noord. Met het drukke scheepvaartverkeer in de rug, wijzend naar de stad, zegt Rietveld: „Dordrecht was de oudste stad van Holland. In de zeventiende eeuw was hier al veel internationaal verkeer. Rotterdam was er niets bij. Niemand minder dan Willem van Oranje, de Vader des Vaderlands, had in 1573 hier deelgenomen aan het heilig avondmaal. De eerste nationale synode, in 1578, was ook hier gehouden. Dordrecht was echt de ideale stad voor een nationale synode. In de Dordtse binnenstad kun je Gods hand in de geschiedenis nauwkeurig aanwijzen.”

Augustijnenkerk

De route loopt via de Boomstraat naar de Voorstraat, de oudste straat van de stad. In de Voorstraat staat nog de oud-katholieke kerk, met hoog in de witte gevel: ”Maria Maior A.D. 1843”. De kerk is nog steeds in gebruik. In de stoepstenen liggen Stolpersteinen, ter herinneringen aan Joden die vanuit Dordrecht werden afgevoerd, naar de kampen in Auschwitz en Blechhammer.

In een bocht van de Voorstraat verrijst de middeleeuwse Augustijnenkerk, ooit deel uitmakend van het Augustijnenklooster. Binnen bevindt zich de preekstoel uit de Grote Kerk, waarop Balthasar Lydius de synode opende en die ook weer sloot, na 128 dagen en 180 zittingen. In de Augustijnenkerk werd op 25 juli 1572 de eerste calvinistische kerkdienst van Dordrecht gehouden.

Rietveld moet nog in de Doelstraat zijn. „Het grote pand, de Kloveniersdoelen, waar de synode werd gehouden, is al lang verdwenen. Op die plaats staat nu die schutting daar, met graffiti en rare teksten. Daar worden ’s avond jointjes gerookt. Zoiets vervult je toch met verdriet. Wat een blamage!”

Maar dankzij de inspanning van de historicus Fred van Lieburg is in 2009 op de muur van het gerechtsgebouw, op de plaats waar de Kloveniersdoelen stond, wel een plaquette aangebracht. Die herinnert aan de Synode van Dordrecht.

In een van de oude panden aan de Voorstraat bevindt zich het Ristorante Pizzeria Piccola Italia. Rietveld: „In dit pand hebben sommige afgevaardigden geslapen, maandenlang.”