HHK-Zendingsdag: In Malawi is een roep om eerlijke, Bijbels boodschap

HHK-Zendingsdag 2018 in Hoevelaken: aan het eind van de morgen treden kinderen op, o.l.v. Danine Pennings. beeld Jaco Klamer
19

In Malawi en omringende landen is meer mankracht nodig voor de zending, aldus ds. C. J. P. van der Bas. „Er is een roep om een eerlijke, Bijbelse boodschap. De velden zijn wit om te oogsten.”

Ds. Van der Bas, die in 2017 vanuit de hersteld hervormde gemeente te Woudenberg werd uitgezonden naar Malawi, was zaterdag een van de sprekers tijdens de landelijke zendingsdag van de Hersteld Hervormde Kerk (HHK). De bijeenkomst in de Expo Hoevelaken trok zo’n 1200 bezoekers, evenveel als vorig jaar.

De zendingsdag werd geopend door ds. W. M. Mulder, de nieuwe voorzitter van de commissie zending van de HHK. De hersteld hervormde predikant te Wijk en Aalburg nam het voorzitterschap in juni dit jaar over van ds. J. C. den Ouden, die jarenlang het gezicht van de zending van de HHK was. Ds. Den Ouden zou spreken, maar was verhinderd.

In zijn openingswoord sprak ds. Mulder over het thema van de zendingsdag: ”Gebogen knieën”, naar aanleiding van Habakuk 3:2: „Uw werk, o Heere, houd dat in het leven in het midden der jaren.” Hij citeerde de zendeling James Fraser, die eens gezegd heeft: „Ik geloof dat pas in de heerlijkheid bekend zal worden hoeveel zendingswerk verricht is door zendingswerkers op hun knieën.” Daarmee bedoelde ds. Mulder niet in de eerste plaats de zendelingen in het buitenland, maar mensen die bidden voor de zending.

Dagelijks

Ds. Van der Bas ging daar dieper op in. De docent aan de Bijbelschool van de Reformed Presbyterian Church of Malawi (RPCM) herinnerde eraan dat hij bij zijn uitzending op 11 januari 2017 de belofte gedaan had aan de gemeenten: „Ik zal dagelijks voor u bidden dat de Koning van de kerk zal werken onder u.” Omgekeerd vroeg hij toen of gemeenteleden dagelijks voor de zendingswerkers wilden bidden. Hij had het dagthema aangedragen.

Bij de aankondiging van de collecte zei de predikant te hopen dat er veel gegeven zou worden, opdat er meer mensen uitgezonden kunnen worden. „Er is niet genoeg mankracht,” zo zei hij, „niet alleen in Malawi, maar ook in omringende landen.” Hij wees op de kleine gemeenten in Mozambique die ontstaan zijn in de tijd van de burgeroorlog, toen Mozambikanen naar Malawi vluchtten. „Er is een roep om een eerlijke, Bijbelse boodschap. De velden zijn wit om te oogsten.”

In zijn toespraak, die vergezeld ging van beelden uit Malawi, maakte hij de nood duidelijk. Een van de beelden toonde een toerustingsdag van ouderlingen die bedoeld was om hen te bekwamen in het maken van preken. De RPCM kent 220 preekplaatsen, terwijl er maar 30 predikers zijn. Dat betekent dat elke zondag een flink aantal ouderlingen voorgaat. Ze hebben geen ander boek dan de Bijbel voor het voorbereiden van hun preken.

Een voorbeeld van een „wit veld” was een plaatje van een ex-gevangene. Ds. Van der Bas: „Ook in de gevangenissen in Malawi wordt het Woord gepreekt. Daar vormen zich gemeenten in wording. Als gevangenen in vrijheid komen, delen ze soms het Evangelie in hun woonplaats, waar dan weer kleine gemeenten ontstaan.”

Suriname

Ds. A. Meuleman, zendingspredikant in Suriname, was nu positief gestemd, zei hij, terwijl het de afgelopen jaren vaak „van klacht tot klacht” ging. Hij gaf aan dat alles anders is in Suriname, niet alleen de planten en de dieren maar ook de mensen. Daar moest hij eerst aan wennen, bijvoorbeeld toen hij probeerde om er aardbeien en aardappels te verbouwen. Maar ook bij het houden van Bijbelstudies – waar maar enkele mensen op afkwamen.

De zendeling kwam erachter dat de mensen niet alleen de Bijbelstudies niet begrepen, maar dat ze ook de preken niet goed konden volgen, zeker niet als die over een theologisch onderwerp gingen. Tegenwoordig gebruikt hij ter verduidelijking een beamer met plaatjes. Hij is ook, samen met gemeenteleden, bezig om de Kijk- en Luisterbijbel van Laura Zwoferink te vertalen in het Surinaams. Naar verwachting wordt het boek volgend jaar gedrukt.

Al met al constateerde ds. Meuleman dat er „meer mensen in de kerk” komen en dat er „meer inzicht in de bedoeling van Gods Woord” ontstaat.

Geestelijke wapenrusting

Emeritus predikant C. Oorschot hield een meditatie over Efeze 6:18 en 19. Hij merkte op dat Paulus veel gebeden heeft, wat ook uit zijn brieven blijkt. In Efeze 6 schrijft de heidenapostel hoe de geestelijke wapenrusting gebruikt moet worden, namelijk door voortdurend in gebed te zijn en steeds opnieuw de nood van jezelf en anderen aan de Heere voor te leggen.

Ds. W. Pieters uit Garderen, die de plaats van ds. Den Ouden in het programma innam, mediteerde over Efeze 3:14, waar het gaat over het buigen van de knieën. Dat is volgens hem een uiting van eerbied voor God. „Die eerbied is er ook als er een vertrouwelijke omgang met God is.”