Frank van Oordt treedt aan als nieuwe directeur Christenen voor Israël

Frank van Oordt (l.) neemt volgt woensdag zijn broer Roger (r.) op als directeur van Stichting Christenen voor Israël. beeld Christenen voor Israël

Christenen voor Israël heeft sinds woensdag een nieuwe directeur. Frank van Oordt neemt het stokje van broer Roger over. Veel zal er niet veranderen. „We gaan door in de geest van de oprichter.”

Strak wappert de Israëlische vlag voor het Israël Centrum in Nijkerk. De blauwe Davidster laat geen twijfel bestaan over de activiteiten binnen het pand. Evenmin over de vraag waar de sympathieën liggen: bij het Joodse volk in het algemeen en Israël in het bijzonder.

Die warme gevoelens heeft directeur Roger van Oordt de afgelopen veertig jaar met verve uitgedragen – sinds 1991 als directeur van Christenen voor Israël (CvI). Nu is het tijd voor een wisseling van de wacht, hoewel Van Oordt (62) betrokken blijft bij de stichting, en vooral bij het Israël Producten Centrum.

Bij veertig jaar dringt zich de vergelijking met de woestijnreis van het volk Israël op. Van Oordt glimlacht. „Na die veertig jaar mocht het volk het Beloofde Land binnen. Zover is het helaas nog niet helemaal. Maar we zien wel dat Israël wordt thuisgebracht, omdat de Messias zal terugkomen. Ik verlang daarnaar. Persoonlijk, maar ook voor de Joden, omdat ze steeds meer de smaad van de volken moeten dragen. Zo willen we ook het werk voortzetten. In de geest van de oprichter, vader Karel van Oordt.”

Dat legt meteen een claim op de nieuwe directeur. 1

Frank: „Absoluut! Tegelijkertijd was ik al als tiener bij dit werk betrokken. Ik ging heel veel met mijn vader mee als hij her en der lezingen in het land gaf. We hebben allemaal de liefde voor Israël van huis uit meegekregen. Ik weet nog dat hij me eens vanuit Jeruzalem belde dat hij een afspraak voor een lezing in Geldermalsen was vergeten. Die heb ik toen maar gehouden. Dat ging prima, want ik kende het verhaal inmiddels uit mijn hoofd.”

Wat houdt die geest van de oprichter dan precies in?

Frank: „Kort samengevat dat God een plan met Israël heeft om Zijn volk naar het land terug te brengen. Daar moeten we als christenen dankbaar voor zijn en Israël in steunen. Daarin zien we dat God trouw aan Zijn belofte is. In het Joodse volk zal heel de wereld gezegend worden. In de eerste plaats in de Heere Jezus.”

„De kerk zou moeten juichen als Gods volk terug naar het land keert”, vult Roger aan. „Maar helaas is dat niet zo. De veroordeling van Israël door de Raad van Kerken om zijn soevereiniteit in Judea en Samaria uit te breiden, vinden we daarom ook zo erg. Als wij Israël zegenen, zal dat ook tot zegen voor ons zijn.”

Jullie hebben tegen de actie van de Raad van Kerken geageerd. In hoeverre laat CvI zich met politiek in?

Frank: „Christenen voor Israël wil vooral actief in de kerkelijke gemeenten zijn. Maar de staat Israël is ook een stukje van het plan van God, en dan kom je al snel op spannend politiek terrein. Tegelijk liggen de politieke opvattingen ook binnen Christenen voor Israël verdeeld. Maar we weten ook dat Hij ervoor zorgt; dat maakt het ook makkelijk om het los te laten. Wij vinden dat Israël vooral zijn eigen boontjes moet doppen.”

Theologisch gezien krijgt CvI weleens het verwijt dat jullie de tweewegenleer aanhangen, waarin ook verlossing in het Joodse geloof is te krijgen. Hoe gaat u daar als nieuwe directeur mee om?

„Die beschuldiging vind ik makkelijk gemaakt, maar Jezus is de Weg en de Waarheid en het Leven. Onze boodschap is dat de kerk zich moet bekeren van de vervangingsleer. Wij bedrijven geen zending, maar Joden weten heel goed waar wij als christenen voor staan. Dat steken we niet onder stoelen of banken. God is trouw aan Zijn volk en aan Zijn beloften. Tegelijk weten we wat Joden in de naam van het christendom is aangedaan. Dat maakt ons bescheiden, maar we hebben wel een duidelijke boodschap.”

Voor de scheidende directeur: hoogtepunten?

„Ik denk aan 2004, toen we met 3000 christenen naar het Vredespaleis in Den Haag trokken omdat Israël wegens het bouwen van de muur werd veroordeeld. We droegen 1000 pasfoto’s met ons mee van mensen die door terreur om het leven waren gekomen. Burgemeester Deetman had ons verboden foto’s te laten zien, maar in kort geding stond de rechter dat toch toe.

Ik denk ook aan juni 1980, toen het Israël Producten Centrum in Jeruzalem werd opgericht. Kort daarop zaten in onze huiskamers moeders die zich voorbereidden om producten op Israëlparty’s te gaan verkopen. Heel bijzonder.

Als laatste noem ik de demonstraties voor de vrijlating van dissident Nathan Sharansky, die zoveel in de goelags heeft geleden. Als hij dan uiteindelijk terugkeert en minister in Israël wordt – dat grijpt me altijd aan.”

Welke ambities heeft de nieuwe roerganger?

„Ik ben directeur van een aantal basisscholen geweest. Daar heb ik geleerd dat je het doel altijd linksom of rechtsom kunt bereiken. Het gaat erom dat je heel goed kijkt naar de mensen die je ter beschikking hebt.

Ik wil vooral de al ingezette vernieuwingen doorzetten en uitbouwen. Het is verrassend om te zien hoeveel kijkers onze livestream-uitzendingen met lezingen over Israël hebben getrokken. Daar gaan we zeker mee door via ons YouTube-kanaal. Op die manier willen we ook de generatie 20-40 meer en beter bereiken. Zodat ook zij gaan inzien dat het belangrijk is dat Israël een plaats in hun geestelijk leven inneemt. Tegelijkertijd hebben we een kostbare vaste achterban waar we zuinig op zijn en die ons nog steeds tot voorbeeld is.”