Expositie toont menselijke gezicht van kerk Hasselt

Synode van Dordrecht
Een zogeheten Bavelaar, een 3D-schilderij van gekauwd papier-maché, gemaakt door een inwoner van Hasselt uit de negentiende eeuw.
3

Rechts achterin, in bank 17 van de kerk. Daar zat de Hasselter predikant H. Vogelius tijdens de synode van Dordrecht in 1618 en 1619. Hij was „een vurig strijder voor de gereformeerde religie.” Van mannen zonder baard moest hij niet veel hebben.

Op de expositie ”500 jaar Reformatie/400 jaar Synode van Dordrecht” in Hasselt krijgt Vogelius een ereplaats. De tentoonstelling, die vrijdag werd geopend in het Oude Stadhuis in Hasselt, belicht in vogelvlucht de historie van het kerkelijk leven van Hasselt.

De Historische Vereniging Hasselt, die de expositie heeft samengesteld, had eigenlijk vorig jaar willen komen met een tentoonstelling over de moderne devotie en de Reformatie. Dat lukte niet, vertellen Eppo Schmidt en Marja Montanje van de vereniging. „Voor een expositie als deze is veel onderzoek nodig. We hadden daarvoor te weinig tijd.”

Daarom besloot de vereniging het thema door te schuiven naar dit jaar, waarin het 400 jaar geleden is dat de Dordtse synode plaatsvond. „Nu kunnen we aan alle drie de historische hoogtepunten aandacht schenken.”

Een metershoge afbeelding van de Grote Kerk in 1900 beslaat de achterwand van de tentoonstellingsruimte in het Oude Stadhuis. Vijftien platen met foto’s en tekst, opgesteld langs de zijmuren, vertellen het verhaal van ruim zes eeuwen kerkgeschiedenis van Hasselt. „We moesten ons beperken”, zegt Montanje. „Over sommige gebeurtenissen konden we maar vier regels kwijt, terwijl we er met gemak een heel artikel over hadden kunnen schrijven.”

Heilige stede

De tentoonstelling begint met Hasselt in de middeleeuwen. De stad was een belangrijk bedevaartsoord. Pelgrims uit de regio en het Duitse achterland kwamen naar de Heilige Stede (heilige plaats) om te bidden, omdat men geloofde dat op die plaats in het centrum van de stad ooit een wonder was gebeurd. Op deze plek werd in 1232 een kapel gebouwd, naar het model van de Heilig Grafkerk in Jeruzalem. De expositie laat er een miniatuurversie in steen van zien. Uit deze periode stamt ook de Grote of Sint-Stephanuskerk, de voorloper van de huidige kerk die dezelfde naam draagt.

In de derde week na Pinksteren vond er jaarlijks een grote bedevaartsdag plaats in Hasselt. Een traditie die nu nog bestaat. Deze bedevaart staat bekend als de ”Hasselter Aflaet”. Bezoekers verdienden vroeger met het bezoek ervan een aflaat van 100 dagen mindering op een verblijf in het vagevuur.

De moderne devotie, een reformatiebeweging in de kerk, kreeg in de veertiende eeuw in Hasselt voet aan de grond met de komst van het Mariaklooster. De abdij bestond uit vrouwen die onderwijs gaven en zich inzetten voor zieken en armen.

In 1582 werd het klooster opgeheven, de laatste non overleed in 1610. Van het gebouw rest slechts een pilaar, gevonden tijdens opgravingen in 1984. Een aquarel uit 1861 geeft een beeld van hoe het klooster er uit heeft gezien.

Geuzen

De Reformatie kwam in Hasselt met horten en stoten tot stand, laat de expositie zien. Zo vond in 1572 een overval op de stad plaats door een groep geuzen onder leiding van Willem van den Bergh, een zwager van Willem van Oranje. Zij plunderden de Grote Kerk en de Heilige Stede, vielen burgers lastig en overvielen boeren in de omgeving. De Grote Kerk viel dat jaar in handen van de protestanten.

Tijdens de bezetting van Hasselt door troepen in dienst van de Staten-Generaal in 1582 werd de rooms-katholieke godsdienst verboden. Er bleven echter rooms-katholieken zitting houden in de stedelijke raad.

Een paar protestantse burgers wachtten de formele ontwikkelingen niet af. Zij vroegen ds. J. Silvius in 1582 naar Hasselt te komen. Hij aanvaardde het beroep en daarmee was de Reformatie in Hasselt onofficieel een feit. De stedelijk raad wilde echter niet meewerken en betaalde ds. Silvius geen salaris. Zijn opvolger ds. Th. Roothuis was van 1586 tot 1594 de eerste officiële protestantse predikant van Hasselt.

„Als er niet een paar dommeriken zich hadden bemoeid met de Hasselter politiek, had de Reformatie veel sneller voet aan de wal gekregen”, denkt Montanje. Nu was Hasselt de laatste plaats van Overijssel die overging naar het protestantisme. „Dat had natuurlijk ook economische redenen. Het bedevaartstoerisme bracht geld in het laatje.”

Omdat een deel van de stadsbestuurders nog rooms-katholiek was, volgt er in 1590 een staatsgreep door de overheid in Hasselt. Alle rooms-katholieke bestuurders werden uit hun ambt gezet. „Het Hasselter stadsbestuur ging min of meer verder waar het gebleven was, het gedogen van iedereen, ongeacht zijn of haar geloof.” In 1622 klopte een groep rooms-katholieken uit de Pfalz aan de poort van Hasselt en zij mochten in de stad blijven.

Aandacht is er op de expositie vervolgens voor de gevolgen van de Reformatie. Het systeem van sociale zorg stortte in. Dat was voorheen in handen van de Rooms-Katholieke Kerk. De protestanten moesten een alternatief bieden voor de hulp aan armen, wezen, weduwen en daklozen.

Het gedeelte over de synode van Dordrecht in 1618/1619 is opgezet rond een aantal prominente personen uit die tijd. „We wilden de tentoonstelling een menselijk gezicht geven en zo toegankelijk mogelijk maken”, aldus Montanje.

De synode kwam in opdracht van de Staten-Generaal in Dordrecht bijeen om te proberen een eind te maken aan de godsdienstige controverse tussen remonstranten (arminianen) en contra-remonstranten (gomaristen). De voorzitter van de synode was ds. Johannes Bogerman jr. uit Leeuwarden, zoon van de Hasselter predikant ds. Johannes Bogerman sr. Op een tekening van de synode zit hij op een centrale plek bij de haard.

Franse mode

Uit Overijssel werden er vijf vertegenwoordigers aangewezen, onder wie ds. H. Vogelius uit Hasselt. Hij schreef ooit een commentaar op „de jeugd van tegenwoordig die zich volgens de laatste Franse mode kleden, met fraaie kleren, pruik en zonder baard.” Wat hij gezegd heeft tijdens de synode weten Schmidt en Montanje niet. Wel ligt er in een vitrine een boekwerk met daarin het verslag van de synode. Schmidt: „Ik heb er wel wat in gebladerd, maar dat oud-Nederlands is bar lastig om doorheen te komen.” Ook een afbeelding van ds. Vogelius ontbreekt.

Ds. Petrus Plancius (1584-1651) uit Hasselt fungeerde tijdens de synode als tijdelijke waarnemer van de arminianen uit Kampen. Hij vertrok in 1619 naar die plaats, nadat vier remonstrantse predikanten uit Kampen ontslagen werden als gevolg van het besluit van de synode.

Ds. Spies is „het zwarte schaap van de expositie”, zegt Montanje. Hij was predikant van Hasselt van 1715 tot zijn dood in 1734. Hij sjoemelde met ingezameld geld voor de restauratie van de kerk, die beschadigd was door blikseminslag. De huidige eetgelegenheid ”De Herderin”, tegenover de Grote Kerk, was vroeger van zijn vrouw.

Veel aandacht besteedt de tentoonstelling aan ds. Gerhard Bruna (1810-1886), vrijzinnig hervormd predikant in Hasselt. Hij schreef acht boeken over kerkelijke aangelegenheden. Sommige boeken werden uitgegeven door zijn zoon in Haarlem, overgrootvader van de bekende kinderboekentekenaar Dick Bruna.

Papier-maché

De latere kerkgeschiedenis is er een van scheuringen en splitsingen in de hervormde kerk. In 1835 en 1899 ontstonden respectievelijk de christelijke gereformeerde en de gereformeerde kerk. In 1908 kwam daar de Vereniging van Vrijzinnig Hervormden bij.

In 1970 richtten een groep gemeenteleden naast de Gereformeerde Bondsgemeente een tweede hervormde gemeente op, van confessionele snit. Deze gemeente hoopt in 2020 samen te gaan met de gereformeerde kerk en een protestantse gemeente te vormen.

Doorlopende filmpjes tonen de nazaten van de Reformatie, van een Urker mannenkoor in de Grote Kerk tot tv-dominee Johan Maasbach. Ook kan de bezoeker luisteren naar een gedeelte van een preek uit een afgescheiden gemeente. Er staat helaas niet bij wie de predikant is en in welke gemeente de preek is gehouden.

Erg knap gemaakt is een zogeheten Bavelaar, een 3D-schilderij van gekauwd papier-maché, gemaakt door Johannes Cornelis van Ferney (1790-1867) uit Hasselt. Van Ferney beeldt diverse Bijbelse taferelen uit het leven van Jezus uit.

In een vitrine aan het einde van de route liggen nog enkele voorwerpen uit de Hasselter kerkgeschiedenis: een Bijbel uit 1851 in de Statenvertaling, de Institutie van Calvijn, wat centen collectegeld, een stoof die vroeger in de winter werd gebruikt om de voeten van kerkgangers in de Grote Kerk te verwarmen, en niet te vergeten pepermunt. „King voor de gereformeerden. Wilhelmina voor de hervormden”, aldus Montanje.

De Historische Vereniging Hasselt mikt op ruim 4000 bezoekers voor de expositie die tot eind september loopt. Dat is het gemiddelde aantal personen dat een expositie van de vereniging doorgaans trekt. Schmidt denkt dan aan toeristen, veelal vijftigplussers, maar ook aan inwoners van Hasselt en Genemuiden.

Met de tentoonstelling wil ze het idee dat de Reformatie een plotselinge gebeurtenis was, rechtzetten. „Het is een geleidelijk proces geweest, dat tientallen jaren heeft geduurd.” Voor wie wat leeswerk niet te veel is, brengt de expositie een schat aan informatie over de Hasselter kerkgeschiedenis.

De expositie is geopend tot eind september van maandag tot en met zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur in het Oude Stadhuis, Markt 1, in Hasselt. Vanaf 10 september zijn de openingstijden van 11.00 tot 15.00 uur.

Herdenking synode

Het RD organiseert donderdag 23 augustus in het kader van de herdenking van de synode van Dordrecht een vaartocht naar Dordrecht met een wandeling onder leiding van een gids en een bezoek aan de Grote Kerk. Meer informatie en aanmelden: rd.nl/abonneevoordeel onder abonneedagen of bel 055 – 5390498.