Ds. C. Harinck: Opstanding laat wereld er anders uitzien

Apostolicum
Ds. C. Harinck. beeld Sjaak Verboom

De helft van de Twaalf Artikelen gaat over het werk van Jezus Christus. Hij kreeg een centrale plaats in het leven van ds. C. Harinck, emeritus predikant in de Gereformeerde Gemeenten. „Je kunt vanuit iedere Bijbeltekst wel een weg naar Christus vinden.”

Hij schreef boeken over een waaier aan onderwerpen: heilig avondmaal, bekering, roeping, wedergeboorte, beloften. Maar als een rode draad loopt daar het heilswerk van Christus doorheen.

„Ik denk dat dit met mijn levensgeschiedenis te maken heeft”, zegt de 83-jarige predikant in zijn woonkamer in het Zeeuwse Kapelle. „Ik groeide buiten de kerk op. Mijn vader was socialist, lid van de SDAP. En erg antichristelijk. Hij zei dat het geloof een verzinsel was. Maar voor mij begon de vraag te leven: Wie is Jezus precies?”

Via onder anderen zijn latere vrouw kwam Cor Harinck bij de kerk terecht. Op 23-jarige leeftijd werd hij gedoopt in de Gereformeerde Gemeenten. Daar hoorde hij pas echt over Christus, zegt ds. Harinck. „De kennis van de noodzakelijkheid, maar ook de volheid en dierbaarheid van Christus heeft me zo veel goeds gedaan.”

Hij laat een stilte vallen. „Ik mocht Hem leren omhelzen en geloven dat ik gewassen ben in Zijn dierbaar bloed. De Heere riep me tot het ambt van predikant. Het werd mijn verlangen om Christus te verkondigen.”

In zijn eerste gemeente, Utrecht, kwam ds. Harinck veel in contact met studenten theologie. „Die kregen veel te verwerken tijdens hun studie. Ik heb jongens gesproken die vanwege de historische Bijbelkritiek de wanhoop nabij waren. Alles begon te wankelen, vooral wat de Persoon van Christus betreft. Er bleef een leraar over, een bijzondere Jood, maar beslist geen Zoon van God. Ik ging meer over deze kritiek lezen om beter gewapend te zijn tegen dergelijke denkbeelden.”

Wie is Christus, over Wie het Apostolicum spreekt, voor u?

„Ik ben oud. Als ik ga sterven, heb ik maar één grond van behoud: dat Christus voor mijn zonde en schuld geboet heeft op Golgotha. Dat lied is waar: „Jezus, Uw verzoenend sterven blijft het rustpunt van mijn hart.””

De reformator Johannes Calvijn ziet de belijdenis als een schilderij waarop we alles aantreffen wat in Christus de aandacht verdient. Welk artikel springt er voor u uit?

„Dat is de kruisiging. Natuurlijk, als ik aan Christus denk, denk ik ook aan Zijn geboorte, opstanding en hemelvaart. Maar het plaatsbekledende werk van Christus aan het kruis vormt voor mij toch wel de kern. In Jesaja 53 wordt dat zo prachtig verwoord: „Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden is Hij verbrijzeld.” Hij is het Lam dat ter slachting is geleid. Hij heeft voor mij met de prijs van Zijn bloed betaald en mij van de vloek verlost.

Daar preek ik het liefst over. Het is zoals Isaäc da Costa zegt: „In het kruis zullen we eeuwig roemen en geen wet zal mij verdoemen.”

Wat betekent het om Christus als „onze Heere” te belijden?

„De eerste christenen beleden Hem als Heere, als Kurios. Iedereen kon aan hen zien dat ze van heer waren veranderd: niet de keizer, maar Christus was hun Heere.

In de tijd dat mijn leven veranderde, kreeg Jesaja 26:13 veel betekenis voor me: „Heere, onze God, andere heren, behalve Gij, hebben over ons geheerst; maar door U alleen gedenken wij Uw Naam.” Iemand die Christus kent, weet zich verlost van andere heren en heerschappijen. Dan zie je Hem als Heere, als Bezitter van je leven, als de Koning Die regeert.

We vergeten in onze kerken vaak dat Gods genade zo werkt dat we ons gewillig aan Hem onderwerpen. Je hoort mensen weleens over hun bekering zeggen: „Ik stond met mijn vuisten in de hoogte en wilde niet.” De Heere maakt je echter gewillig: je wilt niet anders dan Hem gehoorzamen.

Ik tref helaas maar weinig mensen in de gereformeerde gezindte aan die vrijmoedig –niet oppervlakkig– durven zeggen dat Christus hun Heere is en dat zij Hem toebehoren en dat Hij hen met Zijn bloed heeft gekocht. Er heerst veel twijfel: er is weinig sprake van geloof dat zich Christus toe-eigent.”

„Geboren uit de maagd Maria.” Wat zegt u tegen iemand die zich afvraagt waarom dat artikel belangrijk is om te geloven?

„Iemand die twijfelt, zou ik het advies geven gewoon eens te lezen wat er in de Bijbel staat. Mattheüs moet wel een heel grote duim hebben gehad als hij de geboortegeschiedenis zou hebben verzonnen. Het staat er zo onbesmuikt en eerlijk: Jozef wilde bij zijn meisje weggaan omdat ze zwanger was geworden. En dan wordt er nadrukkelijk bij gezegd dat wat in haar is, van de Heilige Geest komt. Ten diepste kan alleen de Heere je van deze waarheid overtuigen. Daar wil Hij Zijn Woord voor gebruiken.

De maagdelijke geboorte is ook in dogmatisch opzicht een belangrijk artikel. Als Jezus een gewoon mens was geweest, hield Hij op Zaligmaker te zijn. Hij moest onzer één worden, zonder deel te hebben aan de zonde. Dat kan God, met eerbied gesproken, alleen maar op deze manier bereiken: geboren uit een maagd, zonder de man, en uit de Heilige Geest.”

Wat doet Pontius Pilatus in de Apostolische Geloofsbelijdenis?

„Er bestaat een heel groot misverstand, dat steeds terugkeert. Als sommige ouderlingen of predikanten in de kerk de Twaalf Artikelen lezen, zeggen ze: „Die geleden heeft” –komma– „onder Pontius Pilatus is gekruisigd.” Alsof die komma na „Pontius Pilatus” op de verkeerde plaats staat. In martelaarsakten en bij kerkvaders wordt echter eenzelfde formulering gebruikt: iemand heeft geleden onder de regering van een bepaalde keizer of stadhouder.

Jezus is niet zomaar in stilte vermoord, Hij is ook niet zoals Johannes in de gevangenis onthoofd. Hij is door een wettige rechter en in een wettig proces ter dood veroordeeld. Dat geschiedde niet in een hoek.”

Wat betekent de nadruk op het kruisoffer van Christus voor de prediking vandaag?

„Ik geloof dat de christelijke kerk niet mag afdwalen van het centrum, de voor onze zonden gekruisigde Jezus. Mensen hebben heel veel vragen: over het onrecht in de wereld, over kerk, huwelijk en gezin. Die mogen aan de orde komen, maar de belangrijkste vraag blijft: hoe komt het ooit weer in orde tussen God en mij? Het plaatsbekledende werk van Christus moet daarom in iedere preek aanwezig zijn. De Engelse predikant C. H. Spurgeon zei het heel mooi: „Vroeger liepen alle wegen naar Rome. Nu kun je vanuit iedere Bijbeltekst wel een weg naar Christus vinden.”

Hoe drukt de opstanding van Christus een stempel op uw leven?

„Misschien heeft het met gevoel te maken, maar de paasboodschap kan je soms zó overweldigen. Als jongeman hoorde ik ds. A. F. Honkoop een keer over Pasen preken. Toen ik uit de kerk kwam, zong het in mijn hart: „De Heere is waarlijk opgestaan!” Dan is het alsof de wereld er anders uitziet.

Dat ervoer ik ook in Utrecht, waar de tuin van de pastorie aan die van het Leger des Heils grensde. Op een paasmorgen werden mijn vrouw en ik betrekkelijk vroeg wakker doordat er in het gebouw op trompetten werd geblazen. Het was een lied: „Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, die galmt door gans Jeruzalem.” Dat heeft veel met me gedaan. „De Heere is waarlijk opgestaan!”

Ik kan goed begrijpen dat de eerste christenen elkaar met deze woorden begroetten. Er komen immers een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar geen ellende meer zijn zal. Hij heeft al mijn vijanden, die ik zelf niet de baas kan, geheel overwonnen.”

Kun je het Apostolicum lezen als een lofzang op Christus?

„Ik zou eerder zeggen: op de Drie-eenheid. De Twaalf Artikelen zijn opgesteld rond de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.”

Reformatorische christenen richten zich vaak eerder op de drie gereformeerde belijdenisgeschriften dan op het Apostolicum. Terecht?

„De Tien Geboden en de Twaalf Artikelen worden iedere zondag in de kerk gelezen. Je zou verwachten dat ze daarom een grote plaats in de levens van mensen zouden innemen. Maar het lijkt er soms op dat gemeenteleden aan de woorden gewend zijn geraakt. Dat is jammer.

De Heidelbergse Catechismus, Nederlandse Geloofsbelijdenis en Dordtse Leerregels zijn de fundamenten waarop we staan. Het is dan ook goed om er aandacht aan te besteden.

Het valt me op dat Alexander Comrie in de voorrede van zijn catechismusuitgave zegt dat hij zich graag één voelt met degenen die de Twaalf Artikelen van harte belijden. Wij gaan vaak niet verder terug dan de Reformatie. We staan echter op de schouders van de Vroege Kerk.”

Serie interviews over de artikelen van het Apostolicum met christelijke denkers en theologen. Vandaag deel 3: artikel 2 tot en met 6.

Ds. C. Harinck

Ds. C. Harinck is emeritus predikant in de Gereformeerde Gemeenten. Cornelis Harinck werd geboren op 9 april 1933 te Goes, in een gezin waar vader socialist was en moeder van rooms-katholieke komaf. Als jongvolwassene werd hij gedoopt en lid van de Gereformeerde Gemeenten. Hij studeerde aan de Theologische School te Rotterdam en werd in 1962 predikant te Utrecht. Daarna stond hij in Franklin Lakes (VS, 1971), Dordrecht (1974), Oostkapelle (1982), Houten (1993) en Terneuzen (2000). Ds. Harinck ging in 2003 met emeritaat. Hij was lid van het hoofdbestuur van de SGP. De predikant publiceerde studies over tal van onderwerpen, waaronder bekering, roeping, wedergeboorte en de Persoon en het werk van Christus.

Lees ook

„Liever niet een gekunsteld antwoord”, Reformatorisch Dagblad (16-02-2017)

Apostolicum basis van christen-zijn, Reformatorisch Dagblad (19-01-2017)