CMF houdt conferentie over bidden voor zieken: bidden is geen trucje

Paul Lieverse werkt sinds 1989 als anesthesioloog-pijnspecialist in de Daniel den Hoedkliniek te Rotterdam. Foto RD, Anton Dommerholt Anton Dommerholt

Ik zorg voor de wond, God geeft de genezing. Het zijn de woorden van de middeleeuwse chirurgijn Ambroise Paré (1510-1590). Paul Lieverse (58), voorzitter van de Christian Medical Fellowship (CMF), haalt ze aan om aan te geven hoe volgens hem een christelijke arts zijn werk moet doen.

”Bidden voor zieken”, is het thema van de halfjaarlijkse conferentie van de CMF die zaterdag in Driebergen voor christenartsen en studenten geneeskunde wordt gehouden. Lieverse: „Gebed geneest niet. God kan genezen.”

Het gebed, dat centraal staat tijdens de bijeenkomst, vervult wel een belangrijke rol, aldus de anesthesioloog-pijnspecialist in de Daniel den Hoedkliniek te Rotterdam. „Net zo’n belangrijke als het gebed voor een veilige reis en het gebed voor je gezin.”

Bewust koos CMF Nederland niet voor een conferentie onder de titel ”Gebedsgenezing”, vertelt Lieverse in zijn werkkamer op de derde verdieping van de kliniek. „Die benaming suggereert dat het gebed werkt als een medicijn, als een alternatief voor de reguliere zorg. Anderzijds is bidden ook geen maniertje als je om een zieke heen staat. Bidden is je van God afhankelijk stellen en erkennen dat Hij kan ingrijpen. Gebed geneest niet, God kan genezen.”

In de reguliere geneeskunde is de rol van het gebed nihil, erkent de arts. Toch wil hij het gebed voor zieken niet scharen onder de alternatieve geneeswijzen. „Ik zou willen dat het gebed voor zieken een complementaire vorm is, een aanvulling bij de reguliere geneeswijze.”

Huiverig is Lieverse voor onderzoek naar de effecten van het gebed in het genezingsproces, zoals dat in Amerika herhaaldelijk gedaan is. Enkele honderden patiënten kregen dan „bidders” toegewezen en een even grote groep moest het zonder bidders doen. De Rotterdamse arts heeft hier verschillende bezwaren bij, „wat de uitkomst van het onderzoek ook is. Stel nu dat blijkt dat er minder mensen door het gebed geholpen zijn? Verder kun je bij zulk onderzoek niet uitsluiten of er in de privésfeer van de groep mensen voor wie niet gebeden werd geen bidders zijn. Zij zouden het onderzoek dan verstoren.”

Maar wat volgens de CMF-voorzitter het belangrijkste is: de intentie waarmee het onderzoek is opgezet, deugt niet. „Ik moet denken aan C. S. Lewis, die hierover zei: „Het pretendeert dat bidden iets is als een trucje, om God uit de kast te halen.” Daar zit voor mij het grootste bezwaar.”

Lieverse constateert dat er divers wordt gedacht als het over gebed voor patiënten gaat. Sommigen van zijn christelijke collega’s willen zich strikt houden aan wat ze tijdens hun opleiding of aan de universiteit hebben geleerd. „Ik vraag me dan af wat het verschil is tussen jou en een agnost.” Maar ook komt het voor dat collega’s bidden met de patiënten. „In een poll op de website van CMF hebben we aan de bezoekers van de site gevraagd in hoeverre dat gebeurt. Daarbij gaf 68 procent aan dat ze in stilte bidden, 9 procent bidt nooit voor de patiënten, 13 procent bidt vaak en vertelt het ook soms aan de patiënt, 8 procent bidt af en toe samen met de patiënt en een splintergroep geeft aan vaak aan de patiënt te vertellen voor hem of haar te bidden.

In charismatische kringen wordt het wel eens als ongeloof bestempeld als een patiënt een arts opzoekt voor zijn kwaal”, stelt de anesthesioloog-pijnspecialist vast. Dat spijt hem. „God is de geneesheer, zegt men dan op basis van een tekst uit Exodus. Daardoor kan een bepaalde effectieve behandeling gedwarsboomd worden.”

Waarom zorgt gebedsgenezing volgens u zo vaak voor onrust in kerkelijke gemeenten?

„Genezing kan komen van God, maar ook van boze machten. Denk aan het paranormale circuit en alternatieve geneeswijzen die zich met reiki bezighouden. Ook daardoor worden mensen genezen. Om deze reden is het belangrijk om het gebed om genezing te doen binnen de beslotenheid van de kerkelijke gemeenschap. Ik denk dat de eigen gemeente van een patiënt daarin een grote verantwoordelijkheid heeft. Maar het kan ook anders, wij kunnen God niet voorschrijven hoe het moet.”

Is genezing op het gebed een teken van geloof?

„Nee. De genezingen die Jezus deed, worden in het Evangelie vaak een teken genoemd. Een teken van Zijn almacht. Je leest in de Bijbel dat Hij genas uit ontferming, en soms ook juist om te zorgen dat mensen gingen geloven. Ik vind het wreed als wordt gedacht dat genezing een bewijs van geloof is. Ik weet van een terminale patiënt, een man van 40, voor wie tot op zijn sterfdag om genezing werd gebeden. Hij en zijn familie moesten daarin geloven. Hierdoor konden ze niet beginnen aan het proces van afscheid nemen, terwijl het rouwproces, dat zo belangrijk is, vaak al begint terwijl de patiënt nog in leven is.”

Heeft u zelf wel eens wonderen op het gebed meegemaakt?

„Als je bedoelt of ik wonderen heb meegemaakt die niet vanuit medisch oogpunt te verklaren zijn, zeg ik: Nee. Wel heb ik, sinds ik in 1979 als arts begon, genoeg gehoord om te kunnen geloven dat er wonderen gebeuren. Vaak ook ver weg, bijvoorbeeld in moslimlanden. Christenen hebben het daar misschien ook harder nodig dan wij hier.”


Christian Medical Fellowship Nederland

Christian Medical Fellowship Nederland (CMF) organiseert houdt in Driebergen de conferentie ”Bidden voor zieken”. Sprekers zijn onder anderen dr. Alfred Teeuw, specialist ouderengeneeskunde en theoloog, en dr. Mart-Jan Paul, een theoloog met veel ervaring in het ziekenhuispastoraat. CMF is een christelijke beroepsvereniging voor artsen en studenten geneeskunde. De organisatie wil vanuit een christelijke overtuiging medisch denken en handelen vormgeven. Ieder halfjaar is er een CMF-conferentie rond een medisch thema. „Vaak kiezen we onderwerpen die het midden houden tussen de theorie –of de reflectie– en de praktijk”, zegt voorzitter Paul Lieverse.

Tijdens de conferentie zullen de artsen en studenten nadenken over verschillende vragen rond het thema. Bidden we om kracht voor genezing? Gebeuren er tegenwoordig nog wonderen op dit gebied? Hoe kun je teleurstelling op dit terrein een plaats geven? En: Hoe kun je geloof en werk in de medische praktijk integreren?

In 1955 werd de Protestants-Christelijke Artsenorganisatie (PCAO) opgericht. In 2000 ontstond, onder de naam CMF Holland, een soortgelijke organisatie voor geneeskunde- en tandheelkundestudenten. Een jaar later fuseerden deze twee organisaties tot CMF Nederland. Op dit moment heeft CMF 520 leden.

De organisatie maakt deel uit van een wereldwijd netwerk, de International Christian Medical and Dental Association (ICMDA). Binnen dit netwerk worden regelmatig congressen belegd, zowel per werelddeel als wereldwijd. In 2010 was het ICMDA Wereldcongres in Uruguay, en in 2014 zal dat in Nederland zijn. Ook steunen de verschillende organisaties elkaar financieel, waarbij de rijkere afdelingen zoals de Nederlandse de minderbedeelde ondersteunen.

De samenstelling van CMF Nederland is divers, vertelt Lieverse. „De laatste jaren zijn er veel studenten bij gekomen vanuit de reformatorische en de evangelische hoek. Oorspronkelijk had de CMF een meer traditioneel hervormd karakter.”

De organisatie richt zich niet alleen op de eigen gelederen, geeft de voorzitter aan. „Zo zijn we lid van de redactie van de Lindeboomreeks, een serie uitgaven over medisch-ethische onderwerpen. Ook schreven enkele leden mee aan een brochure van de ChristenUnie over hulpverlening bij ongewenste zwangerschap. Een ander voorbeeld: CMF nam deel aan een rondetafelgesprek van de Tweede Kamercommissie voor veiligheid en justitie over het burgerinitiatief Uit Vrije Wil, om een christelijk en doordacht geluid te laten horen dat ertoe doet.”

Per kwartaal komt er een magazine uit van de CMF Nederland. Het heet ”In dienst der genezing”, afgekort IDDG.


Nieuwe therapie

Een van de sprekers tijdens de conferentie ”Bidden voor zieken” van CMF Nederland is Dick Kruijthoff. Hij is de huisarts van Janneke Vlot, die in een gebedsdienst in Leiderdorp genas van posttraumatische dystrofie (CRPS). De publicaties rond de genezing van Vlot leidden in de medische wereld tot hernieuwde aandacht voor deze ziekte. In dit kader werd ook de zogeheten Pain Exposure Therapy opnieuw onderzocht. Bij deze therapie wordt door de pijngrens van patiënten heen gegaan. „Normaal gesproken is dit heel ongebruikelijk en ook schadelijk”, vertelt Paul Lieverse, voorzitter van CMF. „Maar bij deze ziekte lijkt de therapie aan te slaan.”