Baptistenpredikant in Bangladesh mishandeld om zijn geloof

Israt, een ex-moslim, werd predikant. Sindsdien wordt hij door moslimradicalen op de korrel genomen. beeld 3xM

„Ik was imam en lid van een fundamentalistische moslimgroep. Ik had maar een wens: minstens één christen doden. Totdat ik in de Koran las over Jezus. Dat raakte mij diep. Drie jaar later aanvaardde ik 
Jezus als mijn persoonlijke Redder.”

De stap van Israt, tegen­woordig baptisten­predikant in Bangladesh, kwam hem op een woedende reactie te staan van fundamentalistische moslims uit de moskee waar hij eerder naartoe ging. In zijn leven barstte een hevige storm los. Met tranen in de ogen laat Israt de vele littekens op zijn lichaam zien. „Ze mis­handelden mij en probeerden me te doden. Met messen hakten ze op mij in. Het is de genade van God dat ik bleef leven.”

De felle reactie van moslims uit zijn oude omgeving weerhield Israt er niet van aan de slag te gaan in Gods Koninkrijk. Hij ging theologie studeren en werd predikant van een baptisten­gemeente in Bangladesh. „Ik kreeg een diep verlangen om mij te richten op moslims. Zo startte ik een Bijbelgroep voor moslims. God gebruikte mij om hen tot Jezus te brengen.”

Bedreigingen

Toen Israt twee jaar geleden een andere ex-imam doopte, begonnen de bedreigingen opnieuw. Hij besloot te verhuizen naar een andere omgeving, maar ook daar wisten fundamentalistische moslims hem te vinden. „Een paar maanden geleden kwam er, op een moment dat ik niet thuis was, een imam langs. Hij beval mijn vrouw om het kruis dat aan de muur hing weg te halen. Hij zei haar dat ik niet meer mocht werken in deze regio.”

Een paar weken later, afgelopen mei, ging het mis. Nietsvermoedend stond Israt op een avond buiten, na een bijeenkomst waar hij pasbekeerde christenen had ontmoet en bemoedigd. „Plotseling kreeg ik een klap in mijn nek. Ik viel op de grond en zag twee mannen in lange gewaden staan. Ze bleven maar slaan en ik raakte buiten bewustzijn. Ik heb gehoord dat ze me daarna op het spoor gelegd hebben. Toen er een trein naderde, hebben anderen mijn bewusteloze lichaam van de rails gehaald en mij geholpen om naar huis te komen. Ik heb mijn verhaal aan de politie verteld, maar die doet niets. Ze heeft zelfs geen verslag gemaakt van wat er is voorgevallen.”

Toen de gemeenteleden van Israt van de aanval hoorden, gingen sommigen voor hem bidden. Anderen wilden echter wraak nemen. „Ik heb hun gezegd dat Jezus ons iets anders leert. Daarna zijn ze boos weggegaan. Ik kan echter alleen maar dankbaar zijn dat ik nog leef.”

De gemeente van Israt bestaat volledig uit moslims die zich tot het christendom bekeerd hebben. Ze maakt deel uit van een kerk­verband van ruim 26 gemeentes. Het zijn huiskerken die vooral bestaan uit ex-moslims.

De kerken willen ook diaconaal aanwezig zijn in het land. Ook de gemeente van Israt. „Wij hadden hier twee scholen, bedoeld voor arme kinderen die op het veld werken. Tijdens hun pauze gaven we hun een lunch en kregen ze onderwijs. Maar jammer genoeg moesten we met dit werk stoppen omdat er geen geld meer was.”

Schuilplaats

Israt laat zich niet uit het veld slaan door alle tegenslag en blijft hopen op nieuwe wegen om zijn plannen waar te maken. „Ik moest stoppen met de kerkdiensten in mijn huis. Dat werd te gevaarlijk, ook voor mijn vrouw en dochtertje. Maar ik houd vol. Mijn toekomstdroom is om een kerk, een Bijbelcentrum en een school te bouwen in dit gebied. Het is belangrijk dat mensen kennis opdoen over Jezus, zodat ze het christendom eerlijk kunnen ver­gelijken met de islam. En verder zou ik graag een schuilplaats willen bieden aan mensen die mishandeld zijn om hun geloof.”

>>rd.nl/christenvervolging

Bea Achterbergh werkt bij 3xM, een organisatie die het Evangelie verspreidt via media, onder meer in Bangladesh.

De naam van de predikant is om veiligheids­redenen gefingeerd.

----Meer geweld in Bangladesh

Officieel is Bangladesh een seculiere staat waar vrijheid van godsdienst heerst. Maar de laatste jaren neemt het geweld door radicale moslimgroeperingen in het land toe. Ze willen bijvoorbeeld dat de sharia wordt ingevoerd. De regering zwicht regelmatig voor de eisen van radicale moslims. Ook politiemensen en rechters laten zich intimideren. Verschillende groepen werken zogenaamde dodenlijsten af en hebben al meer dan vijftig mensen vermoord. Hun slachtoffers vormen geen homogene groep. Het gaat om christenen, hindoes en buitenlanders: mensen die zij bestempelen als ongelovigen. Toch blijft het aantal christenen in Bangladesh stijgen.