Juristen kritisch op plan om paspoort jihadist af te pakken

Juristen zijn kritisch op het plan om jihadisten hun paspoort af te nemen. beeld AFP AFP

LEIDEN. Het lijkt simpel: jihadisten die voor IS of andere jihadgroepen gaan vechten, verliezen hun Nederlanderschap. Maar onder juristen wordt dit voorstel met argusogen bekeken. Het zou strijdig zijn met de kernwaarden van de rechtsstaat.

Overigens gaat het nog om een wetsvoorstel. In december vorig jaar werd dit ingediend in de strijd tegen terrorisme. Het nieuwe ervan: als dit voorstel het haalt, kan de minister van Justitie straks besluiten om iemand die een dubbele nationaliteit heeft de Nederlandse nationaliteit te ontnemen.

Dat doet de minister enkel op basis van informatie over het lidmaatschap van een terroristische organisatie. Dus het kan gebeuren dat inlichtingendienst AIVD of de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid de minister inlicht over een Nederlander die volgens hen voor Islamitische Staat vecht. De minister kan dan onmiddellijk besluiten de man in kwestie –het zijn in de meeste gevallen mannen– zijn Nederlanderschap te ontnemen. De rechter hoeft daar niet aan te pas te komen.

Vermoeden van discriminatie

Als het aan prof. dr. René de Groot van de Universiteit Maastricht ligt, komt het plan nooit verder dan de status van wetsvoorstel. Op een symposium van de vereniging tot bestudering van het recht van de islam en het Midden-Oosten (RIMO) gisteren in Leiden plaatste hij de ene na de andere kanttekening bij het idee.

Zo roept de wet het vermoeden op van discriminatie, omdat het vechten voor sommige terroristische organisaties wél tot ontneming van het Nederlanderschap kan leiden, maar betrokkenheid bij andere terreurgroepen niet.

Al-Qaida en IS komen er in elk geval wel op, maar de PKK en FARC bijvoorbeeld niet, zo is al duidelijk. En juridisch getoetst wordt zo’n onderscheid niet, want de keuze van organisaties op de lijst is volgens het wetsvoorstel aan „het gevoelen van de Rijksministerraad.”

Een ander bezwaar tegen het voorstel is dat alléén mensen met een dubbele nationaliteit kunnen worden aangepakt, omdat internationale verdragen verbieden dat iemand stateloos wordt. Een autochtone Nederlander die voor IS vecht, ontspringt dus de dans terwijl zijn Marokkaans-Nederlandse mede-jihadist wél wordt aangepakt.

Daarnaast exporteert Nederland met dit voorstel de risico’s naar andere landen, betoogt prof. De Groot. „Dat is een heel belangrijk punt. Deze mensen moeten toch ergens heen. De kans is groot dat ze zich aansluiten bij een internationaal leger van terroristen.”

Eén nationaliteit

Ondanks deze kritiek zijn andere westerse landen bezig met soortgelijke wetgeving. Het verst daarin is het Verenigd Koninkrijk, constateerde dr. Olivier Vonk van Maastricht University gisteren. In het Verenigd Koninkrijk kunnen zelfs mensen met één nationaliteit met die wet aangepakt worden „als redelijk verwacht kan worden dat de persoon een andere nationaliteit kan krijgen.” De maatregel is daar al zo’n 25 keer toegepast.

Voor prof. De Groot gaat dat te ver. „Het antidiscriminatiebeginsel en sterke procedurele waarborgen vormen de kernwaarden van onze maatschappij. Die moeten niet worden opgeofferd vanwege terroristisch gevaar.”