Schrijfsters Wilma Samyn en Marieke den Butter pleiten voor herwaardering moederschap

Wilma Samyn (l.) en Marieke den Butter. beeld Jean-Pierre Geusens
2

Iedere vrouw is moeder, zeggen Wilma Samyn en Marieke den Butter, ook als zijzelf geen kinderen heeft. Ze verdiepten zich in wat de Bijbel zegt over moederschap, het krijgen van kinderen en meer. Dat zorgde voor een grote verandering in hun eigen denken en leven.

De twee ontmoeten elkaar voor het interview in een Utrechtse bistro. De begroeting is hartelijk. Hoewel ze samen het boekje ”100 bemoedigingen voor moeders” schreven, hebben ze elkaar maar één keer eerder de hand kunnen schudden, jaren geleden. Toch is er een sterke band. Ontstaan door de talloze gesprekken die ze voerden via e-mail en Skype, over een afstand van duizenden kilometers. Allebei maakten ze een proces door waardoor ze anders gingen denken over de invulling van hun rol als vrouw en moeder.

Het pasverschenen ”100 bemoedigingen voor moeders” vloeide hieruit voort. In dit boek staan honderd stukjes waarin ze aan de hand van een Bijbeltekst schrijven over bijvoorbeeld gastvrijheid, borstvoeding geven, de kinderzegen of de plaats van de vrouw tegenover de man.

Den Butter is moeder van acht kinderen en woont in Zuidoost-Azië, waar zij en haar man in de koffiehandel en als kerkplanters werken. Afgelopen maanden was ze met haar gezin voor verlof in Nederland.

Samyn, die vier kinderen heeft, is een Nederlandse die al jaren in België woont. Daar en in Nederland vertegenwoordigt ze de Amerikaanse organisatie Above Rubies, die moeders wil bemoedigen in hun „hoge roeping.”

Waarom is het moederschap een hoge roeping?

„Omdat ze door God Zelf gegeven is”, zegt Samyn. „Voor ons boekje hebben wij bestudeerd wat de Bijbel hierover zegt. Het viel ons op dat teksten over dit onderwerp door de hele Bijbel heen te vinden zijn, van Genesis tot Openbaring.”

Kan een vrouw zonder kinderen er ook iets mee?

„Ook zij kan haar moederhart laten zien, bijvoorbeeld aan mensen in nood”, vindt Den Butter. Samyn: „Het moederschap is niet voorbehouden aan vrouwen die kinderen hebben. Eva kreeg de naam ”moeder aller levenden” voordat ze zelf kinderen had.”

Waarom schreven jullie dit boek?

Den Butter: „Na onze uitzending naar Zuidoost-Azië ontdekte ik het bestaan van de organisatie Above Rubies, en ik werd bemoedigd door de artikelen die zij verspreiden. Dat gunde ik ook anderen. Maar de meeste artikelen zijn in Engels geschreven, en veel Nederlandse vrouwen vinden dat een probleem. Ook in z’n algemeenheid is er in het Nederlands weinig geschreven over wat de Bijbel zegt over het moederschap. Vertalen is ook niet altijd een goede oplossing, omdat je toch op cultuurverschillen stuit.” Zo groeide bij beiden het verlangen om zelf iets in het Nederlands te schrijven om vrouwen te bemoedigen.

Het boek ontstond vanuit een veranderingsproces bij jullie beiden.

„Ja, wij zijn opgegroeid binnen de christelijke traditie waarin kinderen worden gezien als een geschenk van God”, zegt Samyn. Die traditie werd wel overgedragen, maar niet altijd Bijbels onderbouwd. We ontvingen niet de woorden om te benoemen waarom dit belangrijk is. „Over onderdanigheid aan je man werd eerder lacherig gedaan, en ondertussen werd het heel gewoon gevonden dat meisjes gingen studeren en werken.”

Den Butter: „Toen mijn man en ik ons voorbereidden op het zendingswerk, werd ons sterk aangeraden niet te veel kinderen te krijgen, anders zouden ze het zendingswerk in de weg staan.

Als we Bijbelteksten lezen over onderwerpen zoals de kinderzegen en de invulling van onze rol als moeder, hebben we de neiging om te zeggen: dit wil ik overnemen, maar dat niet. We leven nu in zo’n andere tijd, werpen we vaak tegen. Ook ik deed dat lange tijd, maar intussen voelde ik me er onrustig over.

Inmiddels hebben mijn man en ik acht kinderen, en juist door hen hebben we veel contacten op het zendingsveld. De kinderen staan ons werk juist niet in de weg. Met ons grote gezin zijn we, ook binnen onze Nederlandse PKN-gemeente, een uitzondering. Dat is soms lastig. Maar ik heb geleerd: wat God in zijn Woord zegt is belangrijker dan wat mensen vinden.”

Wat is er concreet veranderd in jullie leven?

„Ik ben anders gaan denken over gezinsvorming en voorbehoedsmiddelen, bijvoorbeeld het gebruik van de pil – waar ik uiteindelijk ook mee gestopt ben”, vertelt Samyn. „En ik heb in 2006 mijn baan opgezegd, ook als gevolg van het hele veranderingsproces.”

Den Butter: „Ik heb moeten leren om erop te vertrouwen dat God weet welk aantal kinderen goed voor ons is. Hij heeft ons naar Zuidoost-Azië uitgezonden, Hij zorgt daar in financieel opzicht voor ons en Hij weet ook het beste voor hoeveel kinderen we kunnen zorgen. Toen we één kind hadden, dacht ik: hoe kunnen anderen er voor zeven zorgen? Inmiddels hebben wij acht kinderen, en God heeft Zijn trouw altijd bewezen. De manier waarop ik in het gezin sta, is ook veranderd. Ik besef veel meer: moeder zijn is je kinderen opvoeden voor God.”

„Het moederschap is niet iets wat je er zomaar even bij doet”, vindt Samyn. „God heeft de vrouw niet gemaakt om een carrière uit te bouwen. Toen ik nog werkte, had ik veel activiteiten buitenshuis, dat past bij me. De zorg voor de kinderen deed ik er als het ware naast. Maar mijn belangrijkste plek is thuis, heb ik geleerd. Ik denk dat het moederschap tegenwoordig ondergewaardeerd wordt. Onterecht worden taken in het gezin als minder belangrijk gezien dan werk buitenshuis.”

Vindt u uw leven niet saai nu?

„Nee, thuis zijn er ook zo veel uitdagingen.” Met een lach: „Het is belangrijk om jezelf als moeder steeds bij te scholen. Er is zo veel waarin je je kunt verdiepen. Gezonde voeding bijvoorbeeld, psychologie, levensstijl, woninginrichting.”

Woninginrichting? Een perfect ingericht huis?

„Nee! Juist niet misschien. Je kunt hierbij denken aan wat de inrichting kan bijdragen aan gastvrijheid. Het huis mag een plek zijn waar gasten zich welkom voelen. Besteed aandacht aan een logeerkamer, laat de eettafel het middelpunt zijn, zorg voor veel extra krukjes.”

„Vaak zijn gasten pas welkom als alles netjes is en het huis aan kant is”, zegt Den Butter. „Dat heb ik echt moeten afleren. Stel je huis open voor anderen, ook als de schoenen door de gang liggen. Laat je rommel maar zien, het hoeft niet perfect te zijn.”

Zegt de Bijbel volgens jullie dat een moeder geen baan mag hebben?

Samyn: „Wij willen niet zeggen: je mag dit niet of dat niet. We willen geen regeltjes stellen, daar gaat het helemaal niet om. Wat we met dit boekje willen bereiken, is een soort herwaardering van het moederschap. In ons gezin was er voorheen weinig verschil tussen de rol van mijn man en die van mij. We werkten allebei en thuis probeerden we de taken eerlijk te verdelen. Maar God heeft man en vrouw verschillend geschapen, en de man een andere rol gegeven dan de vrouw.”

Raden jullie moeders af om buitenshuis te werken?

„Ik raad het mijn dochters wel af”, vertelt Samyn. „Ook bij hun studiekeuze houden we er rekening mee of hun beroep te combineren zou zijn met een eventueel moederschap. Dat bespreken we met hen.”

U raadt hen dus af om te werken als ze moeder zouden worden, maar ze gaan wel studeren.

„Wel of niet studeren, wel of niet een baan buitenshuis, dat is niet de vraag. Het gaat erom: wát ga je studeren en welk werk doe je? En is dat met een gezin te combineren? Ik geloof dat christenen daarin tot verschillende keuzes kunnen komen. ”

Den Butter: „Wij zeggen niet: een moeder mag niet werken. Maar als vrouwen zelf gaan inzien hoe belangrijk hun rol als moeder is, komen ze misschien vanzelf tot andere keuzes. Dat hopen we eigenlijk.”

In het boek wordt soms wel een erg perfect plaatje geschetst. Een altijd gastvrije moeder met een glimlach op haar gezicht...

„De praktijk van het leven is weerbarstig”, erkent Den Butter. „Je hoeft het ook niet in eigen kracht te doen”, vult Samyn aan. „Juist met je tekortkomingen word je geworpen op God Zelf, Die kracht wil geven.”

„Denk niet dat hier twee perfecte moeders zitten die alles uitstekend voor elkaar hebben”, reageert Den Butter. „Ook ik kijk weleens terug op een dag waarin ik het verbruid heb, ongeduldig was richting de kinderen. Maar dan mag ik elke keer weer naar God toe gaan en om nieuwe kracht vragen.

Er is veel gebrokenheid op het terrein van huwelijk en gezin, dat zie ik ook om me heen. Wij noemen dat in het boek ook. Als het over de kinderzegen gaat, schrijven we bijvoorbeeld over het verdriet van kinderloosheid. Toch hebben we ervoor gekozen om niet elke keer te benoemen dat de praktijk vaak anders is dan hoe God het bedoeld heeft. Hij heeft het wél zo mooi bedacht, dat mogen we laten zien. En juist in de gebrokenheid mogen we schuilen bij Christus.”

Samyn: „Als je het moederschap ziet als een roeping, dan geeft dat zo veel kracht in het leven van elke dag. Dat kan helpen wanneer je er bijvoorbeeld keer op keer ’s nachts uit moet voor je kleintje, of als je kinderen steeds ruziemaken. Hierin groei je ook, zo’n verandering van denken gaat niet van de ene dag op de andere.”

In het boek worden christelijke vrouwen beschouwd als Gods kinderen. Hebben jullie eraan gedacht dat er ook lezers zullen zijn die daarover geen zekerheid hebben?

„Ik ben dat denken een beetje ontgroeid. In België leef ik al zo lang in een minderheid als christen”, antwoordt Samyn. „Je bent christen of je bent het niet. Dus om eerlijk te zijn: nee, wij hebben met die lezers geen rekening gehouden.” Den Butter, instemmend: „Hoe kun je je kinderen opvoeden tot Gods eer als je zelf niet echt een christen bent? Maar je kunt je kinderen het geloof niet geven, het blijft Gods werk. Hierin heb je als moeder wel een belangrijke rol. Juist in de gezinnen wordt het geloof doorgegeven. En als moeders steeds van huis zijn, wie doet het dan?”

Zou er meer over dit onderwerp in het Nederlands beschikbaar moeten zijn?

Samyn: „Ja, het is ons verlangen dat dit boekje een aanzet mag zijn voor een hernieuwde visie op het moederschap. Dat het mag uitlopen op nieuwe initiatieven, zoals bijvoorbeeld een onlineplatform of een Facebookpagina waarop vrouwen onderling bemoedigd kunnen worden. Dat we als christenmoeders elkaar blijven bemoedigen, voeden en onderwijzen met Gods woorden in onze hoge roeping.”

----

Over de auteurs

Marieke den Butter-Kommers is geboren in Bilthoven en opgegroeid in Afrika, waar haar ouders in de zending werkten. Ze studeerde hbo-v aan wat tegenwoordig de Christelijke Hogeschool Ede is en ontmoette daar haar man. Het echtpaar kreeg acht kinderen. Veertien jaar geleden werd de familie Den Butter uitgezonden naar Zuidoost-Azië door GZB/OMF. Daar werken ze in de koffiehandel en als kerkplanters.

Wilma Samyn-Oudshoorn is opgegroeid in Montfoort, maar woont sinds 1988 in het buitenland. Ze studeerde in Israël een jaar Hebreeuws en daarna theologie in het Belgische Heverlee. Ze trouwde met een Belg en samen kregen ze vier kinderen. Het gezin woont in het Belgische Bilzen, vlak bij Maastricht. Samyn werkte jarenlang als godsdienstdocent op verschillende openbare scholen. In 2006 zegde ze haar baan op om volledig thuis te kunnen zijn in haar gezin.

----

Boekgegevens

”100 bemoedigingen voor moeders. Met vreugde Gods roeping omarmen”, Marieke den Butter-Kommers en Wilma Samyn-Oudshoorn; uitg. Groen, Heerenveen, 2016; ISBN 978 90 8897 132 7; 209 blz.; € 18,95.