Pastorale vingeroefeningen stemmen tot nadenken

Er zijn veel bekende metaforen voor het pastoraat. De pastor als herder is een beeld dat vaak wordt gebruikt. beeld RD, Henk Visscher
4

Kort voor de zomer schoof de redactie mij ter recensie drie publicaties toe op het vlak van het pastoraat. Het bood mij een goede gelegenheid om te reflecteren op het pastorale werk en pastorale thema’s.

Alleen dat al kan ik elke ambtsdrager aanraden. De zomerperiode is een geschikte tijd om, met een seizoen van veel ambtelijk werk voor de boeg, zelf bezinning op en verdieping in de dienst te zoeken. Dat is niet de enige reden voor de kop boven dit artikel. De boeken die het betreft zijn zelf ook te kwalificeren als pastorale vingeroefeningen.

De uitgaven zijn heel verschillend van karakter. Wie ze ter hand neemt, wordt dan ook op uiteenlopende manieren verrast én geprikkeld.

Om te beginnen heb ik het boekje van ds. G. R. Procee, christelijk gereformeerd predikant te Middelharnis, ter hand genomen. ”Uit liefde tot Zijn kudde” is bedoeld als handreiking voor ambtsdragers. Collega Procee schrijft dat het ontstaan is als stof tot bezinning binnen de kerkenraad van de gemeente die hij dient. Nu het in boekvorm is uitgegeven, kunnen ook andere kerkenraden en ambtsdragers er hun voordeel mee doen.

In kort bestek en op fijnzinnige wijze wijdt de auteur zijn lezer in de voornaamste aspecten van het ambtelijk werk in, zoals het huisbezoek, de prediking, het pastoraal rondom het heilig avondmaal en de toepassing van het heil. Behalve aan de Schrift refereert de auteur daarbij regelmatig aan de confessie en theologische autoriteiten die hem dierbaar zijn, zoals Calvijn, Smijtegelt en Flavel.

Geestelijk leidinggeven

Wat mij vooral aangenaam getroffen heeft, is de aandacht die de auteur vraagt voor het belang van geestelijk leidinggeven in het pastoraat. Ook de nadruk die de auteur legt op de noodzaak van goed luisteren doet weldadig aan.

Zoals elk boek nodigt ook dit boek uit tot vragenstellen. Ik zou graag met de auteur doorspreken over de tweedeling die hij lijkt te suggereren in het pastorale gesprek tussen alledaagse en geestelijke zaken. Ook de kwalificaties van methodisme, piëtisme en barthianisme gaan mij wat te snel. Waarbij de vraag is hoe vertrouwd een (beginnende) ambtsdrager met deze termen is.

Ds. Procee schreef een overzichtelijk boekje dat goede diensten kan bewijzen aan ambtsdragers, misschien wel in het bijzonder aan beginnende ambtsdragers, waarbij de ouderlingen zich meer bediend zullen weten dan de diakenen.

Kwetsbaar

Van een heel andere, bijzonder originele, opzet is het boek onder redactie van Aart Peters en Leo Smelt, ”Ontmoeting. Inspiratie voor pastorale gesprekken”. Vijftig auteurs uit de breedte van de Protestantse Kerk in Nederland beschrijven een pastorale casus en geven daar hun persoonlijke reflectie bij. De casussen zijn verdeeld over twintig pastorale doelgroepen. Verder zijn hoofdstukken toegevoegd over pastorale vaardigheden.

Het trof me dat de scribenten zich in hun bijdragen kwetsbaar durven opstellen. Vreugden, vragen, maar ook moeiten die uit de beschreven pastorale ontmoetingen naar boven komen, worden eerlijk en openhartig onder ogen gezien. Eenieder die in het pastoraat werkzaam is, zal er veel herkenning bij hebben én er aanleiding in vinden om te reflecteren op de eigen pastorale ervaringen, vaardigheden en zwakten. In die zin is het een pastoraal oefenboek.

Het feit dat er zo veel auteurs aan het boek meeschrijven, is de sterkte en de zwakte ervan. Het is leerzaam om te ontdekken dat we in het pastoraat vaak met dezelfde vragen worstelen, ongeacht tot welke ‘theologische sector’ we behoren. Tegelijkertijd brengt het met zich mee dat je bij de ene auteur een stuk theologische en geestelijke herkenning ervaart, die je bij een andere dan weer mist. Vanuit het perspectief van het pastoraat in klassiek-gereformeerde zin zullen sommige wijzen van benaderen die in dit boek aan de orde komen de nodige vragen oproepen.

Verzoening

Het boek ”Priesterlijk pastoraat. Een verrijking van de pastorale theologie”, onder redactie van Age Romkes en Nico van der Voet, gaf mij nog het meeste stof tot nadenken en doordenken. Er zijn veel bekende metaforen voor het pastoraat: de pastor als herder, dienstknecht, wijze, reisgenoot etc. In dit boek stellen de auteurs de metafoor van de pastor als priester voor, waarbij pastoraat wordt geduid als dienst van de verzoening. Niet om de andere metaforen te vervangen, wel om deze te complementeren.

Dit levert verrassende en belangrijke accenten op. Het lijkt mij ook zeer terecht dat de auteurs aandacht vragen voor, het soms wat vervaagde, aspect van de verzoening in het pastoraat.

Het boek biedt een behoorlijk volledige verkenning van deze benadering. In het eerste deel staan Bijbelse verkenningen ten aanzien van het priesterschap en het hogepriesterschap van Christus. Deel twee vraagt naar de pastorale, diaconale en missionaire betekenis van de priestermetafoor. In het derde en laatste deel worden de verworven inzichten praktisch uitgewerkt aan de hand van de thema’s: het pastorale gesprek, rituelen in het pastoraat, de biecht en onderling pastoraat.

Iedereen die werkzaam is in het pastoraat krijgt in het boek belangrijke overwegingen aangereikt. Met name de verbinding met het priesterschap van Christus, het accent op de verzoening, het belang van priesterlijke bewogenheid en de gedachten over de betekenis van de biecht als functie van het (priesterlijk) pastoraat spraken mij aan.

Oogst

Daarnaast daagt het boek uit om de auteurs vragen te stellen. Enkele vragen noteer ik hier. Het zijn kritische vragen. Die laten echter vooral zien dat het boek de lezer veel aan de hand doet om over na te denken – en dat is positief! Als lezer bleef ik toch wel wat met de vraag achter of de priestermetafoor nu echt inzichten oplevert die de andere, bekende metaforen ons niet aan de hand doen. De ‘oogst’ van de priestermetafoor laat veel aspecten zien die we van de herdermetafoor ook al kenden. Daarbij is de vraag of deze metaforen van hetzelfde soortelijk gewicht zijn. Kenmerkt de Schrift de pastorale zorg als zodanig niet primair als herderlijke zorg?

Een andere, theologisch belangrijke vraag is die naar de aard van de priesterlijke representatie. Daarover doen de auteurs vérgaande uitspraken. Is die representatie als zodanig met het priesterschap van de pastor gegeven? Die kant lijkt het op te gaan. Of moeten we hier de werking van de Heilige Geest in de gedachtegang inbrengen? Het betoog houdt hier naar mijn besef een onscherpte, die ruimte laat voor een representatiegedachte die belangrijke vragen oproept.

Wandelingen door de tempel

Ten slotte zie ik niet in was de winst is van de keuze voor de wandeling door de tempel als metafoor voor het pastorale gesprek, ten koste van het bekende(re) model van Smit, in het overigens waardevolle hoofdstuk over dit onderwerp. Hoewel het slechts een metafoor is, is die van de wandeling door de tempel ook niet onproblematisch, terwijl het model van Smit breed bekend is en toegepast wordt.

Deze kritische vragen nemen niet weg dat ik waardering heb voor „de proeve van priesterlijk pastoraat” die de auteurs overleggen. Het boek is voor iedereen die in het pastoraat werkzaam is goede lectuur. Al vind ik de stelling op de achterflap dat het belangrijk studiemateriaal is voor theologiestudenten een tikje pretentieus.

Boekgegevens

”Uit liefde tot Zijn kudde. Handreiking voor ambtsdragers”, ds. G. R. Procee; uitg. De Banier, Apeldoorn, 2017; ISBN 978 94 029 0250 1; 103 blz.; € 9,95;

”Ontmoeting. Inspiratie voor pastorale gesprekken”, Aart Peters en Leo Smelt (red.); uitg. Boekencentrum, Zoetermeer, 2017; ISBN 978 90 239 7124 5; 192 blz.; € 15,99;

”Priesterlijk pastoraat. Een verrijking van de pastorale theologie”, Age Romkes en Nico van der Voet; uitg. Boekencentrum, Zoetermeer, 2017; ISBN 978 90 239 7139 9; 190 blz.; € 18,99.