Lezen in coronatijd: op reis in een boek

Corona
beeld Gemma Pauwels
4

Bibliotheken zijn dicht, de boekenkast raakt leeg en leesclubs kunnen alleen online samenkomen. Toch lijkt lezen in coronatijd populairder dan ooit. Hoe komt dat? En hoe komen we aan boeken? Over de waarde van lezen in crisistijd.

„De eerste paar honderd bladzijden kon ik niet loskoppelen van de tijd waarin we nu leven. Alsof ik een profetie las.” Aan het woord is Floris van der Tol, filosoof, schrijver en „leesverslaafde.” Wekelijks komt hij op zijn Youtube-kanaal met een nieuw filmpje rond boeken.

Eind maart, drie weken na de coronamaatregelen, zit hij voor zijn goedgevulde boekenkast met in zijn handen het boek waar iedereen het dan al een tijd over heeft: ”De pest” van Albert Camus. Een boek dat hem steeds weer met de neus op de feiten van het coronavirus drukt. „Het gaat over de machteloosheid van de mens”, zegt Van der Tol tegen de camera. „Ik trok voortdurend vergelijkingen naar de tijd van nu.”

Lezen leek nog nooit zo populair als de laatste tijd. Mensen zitten meer thuis, sociale verplichtingen vervallen, het werk is minder of valt zelfs helemaal weg. Tijd voor een boek. Vooral digitaal lezen nam een hoge vlucht, zo lieten cijfers van Boekblad –vaktijdschrift voor boekhandel, uitgeverij, auteurs en bibliotheek– eind maart zien. In de tweede helft van maart werd er dubbel zoveel via een e-reader gelezen. Ook via apps lezen mensen een stuk meer: Boekblad berekende dat er 98 procent meer tijd aan lezen via de smartphone en apps wordt besteed.

Thuisbieb

Digitale boeken bieden een uitkomst nu een bezoek aan de bibliotheek niet mogelijk is. Alle boeken nieuw aanschaffen, is voor veel mensen een te duur grapje. De Online Bibliotheek kwam daarom met een nieuw initiatief: de Thuisbieb (zie ”Campagne #ikleesthuis”). Ook mensen zonder abonnement op een bibliotheek kunnen daar terecht. De thuisbiebapp stond na lancering lange tijd op nummer één in de appstore.

Fysieke bibliotheken doen ondertussen hun best om niet uit beeld te verdwijnen. CODA in Apeldoorn kwam met de afhaalbieb op de proppen. Leden van de bieb kunnen zich aanmelden voor een verrassingspakket van zes boeken op basis van genrevoorkeuren. Dat pakket wordt volgens een rooster uitgereikt.

Bibliotheek BplusC in de regio Leiden introduceerde iets vergelijkbaars met de boekenafhaalservice. Bij wie het huis niet uitkan, brengen medewerkers van een plaatselijke kringloop de boeken langs. Het Friese Drachten toverde de bieb snel om in een afhaalpunt.

Er is ook een andere kant. Boekblad meldde dat de omzet van fysieke boeken flink daalde in de laatste week van maart. Ook in de eerste week van april was een daling te zien. Met name de genres non-fictie vrije rijd en non-fictie informatief daalden. De omzet van kinderboeken steeg.

Veel boekhandels moesten halverwege maart de deuren sluiten als gevolg van de coronamaatregelen. Door verminderde omzet lopen zij het gevaar failliet te gaan. De Volkskrant meldde 15 april dat een op de drie boekhandels in grote steden dreigt om te vallen.

Diverse auteurs proberen creatief op de nieuwe omstandigheden in te spelen. Op radio, televisie en sociale media deelden schrijvers hun boekentips. Suzanna Jansen, onder meer bekend van ”Het pauperparadijs”, leest zo nu en dan voor uit eigen werk via de site van een bibliotheek. Schrijfster Els Florijn startte een gedichtenestafette per mail. Schrijfster en stiltetrainer Mirjam van der Vegt kwam met het feuilleton ”Een traan is als een bos”. Mensen die zich aanmelden, krijgen elke dag gratis een nieuw hoofdstuk in hun mailbox.

Online lezen is leuk, maar de behoefte aan fysieke boeken blijft –vooral onder kinderen– groot. Via minibiebs in kleine kastjes langs de straat ruilen buurtbewoners boeken met elkaar. En ook gezinnen wisselen onderling leesvoer uit.

Reis

Allemaal mooie initiatieven, vindt Nellianne van Schaik, eerstegraadsdocent Nederlands op het Calvijn College in Goes. Door haar vak is ze veel met literatuur bezig. „Ik merk dat ik nu meer lees, maar dan wel vooral fysieke boeken.”

Waarom lezen we eigenlijk zo graag in deze quarantainetijd? Volgens Van Schaik zou dat te maken kunnen hebben met het willen ontsnappen uit de waan van de dag. Boeken –en in het bijzonder romans– hebben altijd al de functie om mensen even uit de sleur van het dagelijks leven te laten breken. „Je legt bewust je telefoon aan de kant en laat de coronacijfers even voor wat ze zijn.” Er zit ook een tegenreactie in het pakken van een boek, signaleert de Zeeuwse docent. „Je kunt in beperkingen denken, bijvoorbeeld dat je niet op zomervakantie kunt dit jaar. Maar je kunt ook bedenken: nu kan ik lekker in de zon een boek lezen en mijn eigen reis maken.”

Zelf grijpt ze het eerst naar literatuur. „Die heeft mijn voorkeur boven een tijdschrift. Deze tijd leent zich er juist ook voor echt in een verhaal te duiken. Probeer als je meer tijd hebt eens wat verder te komen dan een tijdschrift.”

Hoe positief de docente ook is over alle acties om mensen thuis aan het lezen te krijgen, ze vraagt zich af of hiermee een gedragsverandering wordt gerealiseerd. „De schermtijd is enorm toegenomen. Ik merk dat zelf ook: je scrollt makkelijk even door het nieuws. Een boek lezen vraagt juist rust, je even afkeren van alle dagelijkse waan. Ik ben benieuwd of dat mensen lukt.”

Van Schaik legde zich een heuse oefening op om haar schermtijd te beperken: alle keren dat ze eigenlijk naar haar telefoon wilde grijpen, las ze in plaats daarvan een paar bladzijden. „Bizar hoe snel een boek dan gaat.”

Ze vrat zich afgelopen weken door minstens vier boeken. ”Mijn naam is Selma” –over een joodse verzetsstrijdster–, ”Farao van de vliet” van migrantenschrijver Kader Abdolah, ”Concept M”, een roman van Aafke Romeijn over een maatschappij waarin de bijzondere ziekte kleurloosheid woedt, en ”Brieven uit de hel” van C.S. Lewis.

Die laatste las ze al als jongere, maar kwam ze weer op het spoor door een citaat dat online rondcirkelde. „Iets als: ”Satan zaait angst, Jezus zorgt voor rust in de gezinnen”. Eerst werd het citaat aan Lewis toegeschreven, later bleek dat niet te kloppen. Daardoor moest ik terugdenken aan de tijd dat ik dit boek voor het eerst las. Zestien was ik toen. Ik dacht: laat ik het weer eens lezen.”

”De pest”, het veelbesproken boek van Albert Camus, las ze nog niet. Ze snapt wel waarom veel lezers juist naar zo’n boek grijpen. „Mensen gaan op zoek naar boeken die eerder hebben beschreven hoe je door een periode als deze komt. Ze zoeken houvast. ”De pest” zou je een soort draaiboek voor een crisistijd kunnen noemen.”

De docente is ervan overtuigd dat dergelijke boeken kunnen helpen met de huidige situatie om te gaan. „Veel mensen hebben vragen naar het waarom van de corona-uitbraak en zoeken naar zingeving. Juist ook mensen die niet gelovig zijn. Ik snap dat ze de antwoorden zoeken in zo’n boek. Een boek biedt meer dan alleen ontsnapping en ontspanning.”

Absurde wereld

Antwoorden heeft ”De pest” niet zo snel, vragen wel, laat YouTuber Floris van der Tol zien. Hij somt op: Is de pest een straf van God? Waarom zou je anderen helpen? Hoe moet je leven in zo’n absurde wereld? Hij trekt zijn eigen conclusies: „Het leven is corona. De plaag kan ons allen overkomen. Er is geen reden in het universum.”

Onder de video laten diverse mensen een reactie achter. Camus is top, zegt iemand. Een ander: hij weet in slechts een paar woorden de menselijke conditie te treffen. Een derde houdt juist een ongemakkelijk gevoel aan de Franse schrijver over.

Ook in het programma De Wereld Draait Door werd ”De pest” besproken, net als op talloze andere plekken online. Op veel al bestaande leesclubs werd het werk van Camus er weer eens bijgepakt. Zoom-link in de mail, en de leeskringavond kon digitaal beginnen.

Volgens Van Schaik heeft het een meerwaarde om een boek na het lezen nog met anderen te kunnen bespreken. Zelf zit ze niet op een leesclub, maar ze merkt ook in de klas dat mensen –haar leerlingen in dit geval– het fijn vinden een boek te leren duiden. „Bovendien kun je via zo’n boek makkelijk persoonlijk worden met elkaar. In de bespreking ervan zoek je vaak naar parallellen met je eigen leven. Het boek is het medium dat helpt om te praten over wat in jouw leven speelt.”

Couperus

In het onderwijs wordt normaal gesproken al het nodige gedaan ter promotie van lezen. Onder meer door organisaties die schrijvers aan schoolklassen koppelen, zoals de Schrijverscentrale en de Schoolschrijver. In de maand april bood de Schrijverscentrale als proef een digitaal schrijversbezoek aan: ”Schrijver op je scherm”. De Schoolschrijver kwam met ”Huisarrest”. Tien bekende kinderboekenschrijvers schreven samen een verhaal rond corona. Elke dag las een van hen een zelfgeschreven deel voor.

Van Schaik waardeert de inspanningen van de scholen. „Wat ik heel leuk vond: de juf van mijn zoon heeft zelf Pluk van de Petteflet ingesproken. Ze was dit boek in de klas aan het voorlezen en is digitaal verder gegaan waar ze was gebleven.”

Zelf probeert de docente haar leerlingen, die ze nu niet op school ontmoet, ook aan het lezen te houden. Ze stuurde een handleiding hoe de jongens en meiden zich konden aanmelden voor de gratis online bibliotheek. Voor de meivakantie kregen haar leerlingen nog een creatieve opdracht mee rond een boek dat ze deze periode moeten lezen. De groepsgesprekken over hun leeslijst, waarmee examenleerlingen het onderdeel literatuur afronden, gingen dit jaar via Microsoft Teams.

Onlangs las ze zelf online een verhaal voor van Couperus, aan haar vwo-klas. „Juist oude literatuur leent zich ervoor om voor te lezen. Voor leerlingen is het fijn als een bekend gezicht het verhaal toelicht. Ik wil deze voorleessessies blijven doen tot de leerlingen weer naar school mogen.”

Deze tijd biedt kansen op het gebied van lezen, vindt de docente. „Ouders hebben nu misschien meer tijd om voor te lezen. Daar zou ik in investeren.”

Campagne #ikleesthuis

De Boekenweek liep dit jaar bijna naadloos over in de campagne #ikleesthuis. De hashtag werd halverwege maart in het leven geroepen door schrijfster Manon Sikkel. Boekenbranche-organisatie CPNB lanceerde een week later de officiële campagne. Lezerscommunity Hebban en diverse bibliotheken en boekwinkels haakten ook aan.

Onder de hashtag #ikleesthuis kunnen lezers online boeken vinden die worden gelezen door thuisblijvers. Op die manier kunnen thuislezers elkaar onderling inspireren. Zelf het Engelse schrijversechtpaar Nicci French –mateloos populair in Nederland– schaarde zich in een filmpje op sociale media achter de campagne.

De boekwinkels merken sinds het begin van de coronacrisis een flinke toename van de interesse in boeken. In de fysieke winkels die nog open zijn, is er meer aanloop. Maar ook online wordt meer literatuur besteld.

Los van de campagne lanceerde de Online Bibliotheek de Thuisbieb: een app waarmee ook mensen die geen lid zijn van de bibliotheek honderd gratis e-books kunnen lezen. De al bestaande Luisterbieb, onderdeel van de Online Bibliotheek, stelde extra luisterboeken beschikbaar voor niet-leden.

De campagne heeft mensen daadwerkelijk aangezet tot lezen, bleek eind april uit onderzoek van Boekblad. Van de personen die thuis lazen en in aanraking kwamen met één van de campagne-uitingen, zegt 27 procent dat #ikleesthuis een positieve invloed had op het leesgedrag. En 22 procent van de mensen die de campagne zagen, zegt door de invloed ervan een boek te hebben gekocht of geleend. Vanwege het grote succes wordt de campagne voorlopig voortgezet.