Levenslessen, maar ook boeddhistische sporen in nieuw kinderboek Callenbach

tekst Hans Mijnders

Als de 12-jarige Ryo ziet hoe een Vreemdeling met gemak een aantal rovers verslaat, neemt hij een besluit. Hij wil niet gaan werken in de pottenbakkerij van zijn vader, maar hij wil ook zo dapper worden.

Hij reist naar de Koude Berg, waar hij de Kluizenaar ontmoet die hem veel wijze lessen en een intensieve opleiding geeft. Daarna sluit hij zich aan bij de orde van de Verborgenen. Aan deze orde komt een abrupt einde als een groot deel van de Verborgenen in een hinderlaag loopt.

Tony Mitton, een Britse auteur van kinderboeken en dichtbundels, vertelt het verhaal alsof hij alles met eigen ogen heeft zien gebeuren. Het verhaal is beeldend geschreven en zit vol levenslessen. Maar dat het boek door de uitgever wordt vergeleken met ”De brief voor de koning” van Tonke Dragt is te veel eer. Daarvoor gebeurt er te weinig in Mittons boek. Ook spreekt Tiuri, de hoofdpersoon in het jeugdboek van Tonke Dragt, veel meer tot de verbeelding dan Ryo.

Als lezer word je wel meegenomen in dit middeleeuwse verhaal, waarin Ryo leert dat het bestrijden van onrecht niet met bloedvergieten gepaard hoeft te gaan. „Ik geloof dat de boodschap van dit verhaal nog steeds relevant is”, aldus de auteur in het voorwoord.

In zijn dankwoord noemt Mitton een groot aantal personen dat hem inspireerde om dit boek te schrijven, onder wie „Z.H. Dalai Lama en de vele en verschillende leraren en beoefenaars van het boeddhisme en mindfulness.” Jammer dat dit in potentie mooie verhaal vanuit deze visie is ingekleurd.