Giles Firmin weerlegt hindernissen in het komen tot Christus

Zoals hout moet worden gedroogd voordat het vlam kan vatten, zo moet een mens al zijn vroomheid kwijtraken en worden wie hij is, verloren zondaar voor God, wil genade echt genade kunnen zijn.  beeld Wikimedia
2

Gaat ontdekking van zonden en schuld altijd vooraf aan het geloven in Christus? Hoort het echt bij ware verootmoediging om er tevreden mee te zijn voor eeuwig om te komen? Met grote pastorale zorg behandelt de puritein Giles Firmin (1613-1697) dit soort vragen in zijn boek ”Getrokken tot Christus”.

Giles Firmin werd op latere leeftijd predikant in het Engelse Shalford. Daarvoor had hij als arts in New England gewerkt. Tijdgenoten omschreven hem als „uitnemend in heiligheid en ijver voor Gods eer.” Tegelijk stond hij bekend als „nederig en zachtmoedig.”

Volgens zijn biograaf kende hij in zijn leven veel strijd en aanvechting, maar „werd hij in zijn sterven zeer vertroost.”

Al op jonge leeftijd was Firmin in aanraking gekomen met de prediking van de puriteinen, onder wie Thomas Hooker en Thomas Shepard. Voor beide theologen had hij hoge achting. Tegelijk maakte hij bezwaar tegen bepaalde aspecten in hun visie op wat wel het ”plaatsmakende werk” wordt genoemd, het werk van de Heilige Geest voorafgaand aan de geloofsontmoeting met Christus. In zijn boek gaat hij er uitvoerig op in.

Wet

Met Hooker en Shepard deelt Firmin de overtuiging dat de Heilige Geest zondaren „gewoonlijk” eerst overtuigt van zonden en schuld, voordat Hij hen tot geloof in Christus brengt. Net als veel andere puriteinen spreekt hij van een „voorbereidend werk van de Wet.” Zoals hout moet worden gedroogd voordat het vlam kan vatten, zo moet een mens al zijn vroomheid kwijtraken en worden wie hij is, verloren zondaar voor God, wil genade echt genade kunnen zijn. Daar zijn we van huis uit niet te slecht voor, maar wel te goed.

Op dit punt heeft het boek van Firmin actuele waarde. De beloften van het Evangelie komen in prediking en pastoraat alleen tot hun recht als tegelijk de ontdekkende en veroordelende functie van de wet aan bod komt, zegt hij. Wie alleen de beloften preekt, ontkent volgens hem de helft van het werk van een predikant. „Moeten zielen niet zien in welke ellendige staat zij verkeren? Kan iemand met veel eigengerechtigheid ooit het leven in Christus vinden?”

Firmin verschilt met Hooker en Shepard van mening over de vraag hoe diep het voorbereidend werk in het komen tot Christus moet gaan. Dat de mens komt tot de belijdenis dat hij het eeuwig oordeel heeft verdiend, valt Firmin van harte bij. Maar dat ware verootmoediging zó diep moet gaan dat een mens er tevreden mee is dat God hem verloren laat gaan, bestrijdt hij.

Toevlucht

Naar Firmins overtuiging strookt die gedachte niet met het karakter van het geloof. Oprecht geloof veroordeelt zichzelf, maar neemt tegelijk de toevlucht tot Christus in het besef dat God juist aan Zijn eer komt als zondaren worden gezaligd. Omdat een gelovige God liefheeft, kan hij er onmogelijk tevreden mee zijn voor eeuwig van Hem gescheiden te zijn, ook al onderschrijft hij ten volle dat hij dat heeft verdiend. „Zeiden Paulus of Petrus ooit tegen hun hoorders: „Onderwerp u aan Gods wil, als Hij u niet redden, maar wil vervloeken en u nooit zijn liefde wil geven? Als u dat doet, zal ik u zeggen wat u moet doen om gered te worden?” We lezen er niets van.”

Firmin erkent dat het voor hem bepaald niet eenvoudig is om op dit punt tegen Hooker en Shepard in te gaan. Hij heeft –wat mij betreft zeer terecht– grote waardering voor hun geschriften. „Ik heb er daarom de grootste moeite mee dat ik het oneens moet zijn met degenen die ik juist zoveel eer wil bewijzen”, schrijft hij. „Maar we moeten rekening houden met de Waarheid en met de lammeren van Christus.”

In zijn boek gaat Firmin grondig te werk. Hij verlangt ernaar zich door het Woord te laten leiden. Soms is hij moeilijk te volgen. Maar de toon waarop hij schrijft, doet weldadig aan: altijd hoffelijk, bewogen en pastoraal.

Boekgegevens

Getrokken tot Christus. Een puriteinse visie op het plaatsmakende werk en de geloofsvereniging met Christus, Giles Firmin; uitg. Brevier; 320 blz.; € 29,90