Ds. C. Harinck: Een Evangelie zonder belofte is geen Evangelie

Ds. C. Harinck: „De glorie van Gods beloften is dat ze vrij en onverdiend zijn. Dat opent een deur van hoop voor mensen die niets bezitten.” beeld Getty Images/iStockphoto
2

„Ik ben nog meer overtuigd geraakt van de vastheid van Gods beloften. God is de Waarmaker van Zijn Woord. Hij heeft me beloofd dat wie in Christus gelooft, eeuwig leven zal hebben. Daar kan ik mijn hoofd op neerleggen.” Zo liet ds. C. Harinck (1933) uit zijn mond optekenen in het interview dat in deze krant te lezen was.

2017-04-27-kpKBR2-CHarinck-5-FC-V_webDs. C. Harinck: leven bij Gods beloften

Het is een typerende uitspraak in het verband van de verschijning van zijn laatste pennenvrucht, gewijd aan ”Gods beloften in het persoonlijk leven”. Het hele boek door is te merken dat ds. Harinck, emeritus predikant van de Gereformeerde Gemeenten, zich erg betrokken weet bij dit onderwerp. Al eerder schreef hij over verwante thema’s: over de uitgestrektheid van de verzoening (1989), de toeleidende weg tot Christus (2001) en over het aanbod van genade (2002).

Nu dus een boek over de beloften van het heil. Met de prediking van Gods beloften staat of valt de rechte evangeliebediening. Dat is het uitgangspunt van dit boek. Al direct in zijn woord vooraf wijst de schrijver erop dat de Heere geen onrecht had gedaan wanneer Hij de in zonde gevallen mens in zijn ellende had gelaten. De Heere nam met de afval van de mens echter geen genoegen. Hij gaf hem Zijn belofte van redding en herstel.

Uit die moederbelofte komen alle andere beloften voort. Gods beloften, ze vormen de enige grond van hoop voor de verloren mens. Zonder omwegen laat de schrijver het dan ook weten: „een Evangelie zonder belofte is geen Evangelie.”

Voor wie?

Wat komt er in dit boek zoal aan de orde? Allereerst dat de Heere een belovend God is. Zijn beloften zijn op niets anders gefundeerd dan op Zijn vrije en soevereine genade. De glorie van Gods beloften is dat ze vrij en onverdiend zijn. Dat opent een deur van hoop voor mensen die niets bezitten.

Het kan niet anders dan dat de vraag aan de orde komt voor wie Gods beloften zijn. Wie zijn de gelegateerden? Op wie ligt de kostbare inhoud van Gods beloften te wachten? Ds. Harinck geeft op die vraag het naar mijn besef enig juiste antwoord: Gods beloften zijn voor hen die in Christus geloven. Aan hen behoren de beloften toe. Immers, in Christus zijn de beloften van God ja en amen. Alles wat van Christus is, is ook van de gelovige.

Trouwens, ook de gave van het geloof is inhoud van Gods belofte. Terecht benadrukt de schrijver de noodzaak van de ware geloofsvereniging met Christus. Met niets minder mogen we ons tevreden stellen. Het is een woord van Thomas Boston: „Zou u gaarne willen weten hoe de grote en dierbare beloften de uwe mogen worden? Wel, al de beloften zijn van Christus. Ze zijn alle aan Hem gedaan. Neem Hem en ze zijn de uwe.”

Alle hoorders

Een andere vraag is: aan wie mogen Gods beloften worden gepredikt? En zelfs: wie hebben een recht van toegang tot het beloofde Koninkrijk van Gods ontferming? Opnieuw sluit ds. Harinck zich aan bij Boston. „Dit gegronde recht voor alle hoorders van het Evangelie is niet slechts voor verootmoedigde en boetvaardige zondaren. Hoewel het waar is, dat niemand zijn toevlucht tot de belofte zal nemen, tenzij hij of zij overtuigd is van zijn nood. Toch ontleent een zondaar zijn recht om tot Christus te komen niet aan zijn boetvaardigheid, maar aan Gods belofte. (…) Het recht gebruik van de beloften is gebaseerd op het algemene aanbod van genade dat in de prediking van het Evangelie plaatsvindt.” En die prediking richt zich op allen en eenieder.

Om een indruk van de rijke en Bijbelse inhoud van dit boek te geven, som ik enkele hoofdstuktitels op: ”Geloof en belofte”, ”Gebed en belofte”, ”Doop en belofte”, ”Christenleven en belofte”. Ds. Harinck schreef dit alles vooral gericht op de praktijk van het geestelijk leven. Met name de inhoud van het hoofdstuk over het gebed bevat in dit opzicht veel onderwijs. De polemische toon ontbreekt nagenoeg. Wel is duidelijk dat hij tot het schrijven van dit boek kwam tegen de achtergrond van een prediking waarin „het soms bijna verdacht wordt gehouden om over de beloften van God te spreken.” Het is ook een ernstig misverstand als aan de gemeente de aanbieding van Gods beloften wordt onthouden. Dan is er voor een onbekeerd mens niets om op te hopen.

Het boek kenmerkt zich verder door een keur van citaten van vooral reformatoren, puriteinen en Schotse oude schrijvers. Ze zijn op een ongekunstelde en functionele wijze verweven in het betoog van dit leerzame en moedige boek. Aan het einde van elk hoofdstuk zijn studievragen opgenomen.

Boekgegevens

”Gods beloften in het persoonlijk leven”, ds. C. Harinck; uitg. Den Hertog, Houten, 2017; ISBN 90 789 0331 2811 0; 165 blz.; € 17,50.