De Slag om Passendale in 1917: een campagne van bloed en modder

Verwoest Ieper in België. beeld Spaarnestad Photo
2

In de zomer en herfst van 1917 werd een van de iconische veldslagen van de Eerste Wereldoorlog uitgevochten: de Derde Slag om Ieper, beter bekend als de Slag om Passendale.

Door de aanhoudende regen veranderde het slagveld rond het Belgische stadje Ieper in één modderig moeras. Daarover moesten uitgeputte Britse manschappen keer op keer optrekken, om vervolgens door de vijand tot staan gebracht te worden en zelfs te worden teruggedreven. Tijdens het vier maanden durende offensief werd een terreinwinst geboekt van 8 kilometer. Met het Duitse voorjaarsoffensief in de lente van 1918 werd het veroverde terrein om strategische redenen weer prijsgegeven: het offer van ruim 500.000 Britse manschappen was voor niets geweest.

Generaal Douglas Haig moest het ontgelden: het was zijn schuld dat de operatie was mislukt en dat die zo veel mensenlevens had gekost. In zijn boek ”Passendale. Ieper 1917” beschrijft historicus Nick Lloyd dat Haig ervan overtuigd was dat het Duitse moreel tot een dieptepunt was gedaald. Hij verwachtte in één grote sprong voorwaarts een doorbraak in de Vlaamse velden rondom Ieper te kunnen forceren.

Lloyd plaatst kanttekeningen bij het ouderwetse idee van Haig van een grote doorbraak met cavalerie. Verschillende operaties hadden inmiddels bewezen dat een loopgravenoorlog niet gewonnen kon worden met één grote slag en vervolgens een snelle opmars met cavalerie. Tijdens de Slag om Passendale liet generaal Plumer zien dat een tactiek waarbij er sprongsgewijs en over een kleiner front met behulp van krachtige en goed gecoördineerde artilleriebeschietingen wordt opgetrokken, betere resultaten had. Was Haig na de eerste aanval overgestapt op deze tactiek, dan hadden de Britse troepen wellicht tot voorbij Passendale kunnen oprukken, aldus Lloyd.

Moeras

Het was niet alleen het vasthouden van Haig aan zijn idee van de grote doorbraak die de Slag om Passendale op een tragedie liet uitlopen. Er zijn nog tal van grote en kleine fouten te noemen. Een belangrijke factor was het weer. De strijd werd ernstig bemoeilijkt door de natste zomer ooit. De regen veranderde het toch al kapotgeschoten slagveld in een moeras waarin kanonnen, paarden, ezels en mensen verdronken. Bevoorrading werd ernstig bemoeilijkt door vijandelijke beschietingen en het modderige terrein. De artillerie kon nauwelijks naar voren worden gebracht voor de noodzakelijke ondersteuning bij de opmars. Daardoor moesten de manschappen vaak zonder voorbereidende beschietingen oprukken.

Lloyd beschrijft op indringende wijze de situatie aan het front. Naast gedetailleerde weergaven van de verschillende pogingen tot opmars en doorbraak geeft hij ook een goede weergave van het leven aan het front. Regelmatig laat hij soldaten aan het woord door te citeren uit brieven en dagboeken. Dit geeft een aangename afwisseling met de soms droge en technische beschrijvingen van de acties.

Duitse kant van verhaal

De vraag dringt zich op waarom Haig bleef vasthouden aan zijn plan om Passendale te bereiken. De schrijver concludeert: „De verovering van Passendale draaide niet om het doorbreken van de linie of het klem zetten van de vijand of zelfs maar het verkrijgen van een betere linie voor de winter – het ging erom dat Haigs blazoen ongeschonden bleef.”

Tegen elk advies in en ondanks kritische vragen van de regering in Londen zette Haig zijn offensief door. Hij moest een doel halen om geen gezichtsverlies te lijden. Nick Lloyd stelt terecht dat hier ook het Britse oorlogskabinet en met name premier Lloyd George blaam treft. Ondanks de almaar toenemende verliezen greep hij niet in.

Een heel verrassend element in het boek is de Duitse kant van het verhaal. In de inleiding van het boek stelt Lloyd terecht dat het gebeuren van Passendale al vele keren is beschreven, maar vooral vanuit het Britse perspectief. Uitvoerig archiefonderzoek stelde Lloyd in staat ook de Duitse kant van het verhaal te beschrijven. Hieruit blijkt dat de soldaten aan Duitse zijde net zo leden onder de regen en de aanvallen. Heel interessant is ook om te lezen wat de Britse aanvallen voor effect hadden op de Duitse legerleiding. Deze zag de situatie somber in en vreesde een doorbraak.

”Passendale. Ieper 1917” is een soepel geschreven boek dat op indringende manier de Slag om Passendale beschrijft. De Duitse kant van het verhaal werpt een nieuw licht op de zaak, waardoor Nick Lloyd een waardevolle aanvulling levert op de geschiedschrijving over de Eerste Wereldoorlog. Voor lezers zonder kennis van de omgeving van Ieper kunnen de uitvoerig beschreven gevechtsverslagen pittig zijn. Maar de verschillende kaarten in het boek bieden uitkomst, evenals de woordenlijst met diverse militaire begrippen.

Door het steeds wisselende perspectief (Brits/Duits) is het soms wat lastig de schrijver te volgen. Lloyd beschrijft op heldere wijze de politieke verwikkelingen en de strategische handelingen. De persoonlijke ervaringen nemen de lezer mee in het verhaal van bloed en modder en laten zien dat de strijd niet per definitie een uitgemaakte zaak was. Kortom, een verhelderend boek over een verschrikkelijk stukje militaire geschiedenis.

Boekgegevens

”Passendale. Ieper 1917”; Nick Lloyd; uitg. Hollands Diep, Amsterdam, 2017; ISBN 978 90 488 2739 8; 503 blz.; € 34,99.