Christelijke Bibliotheek Zuilichem kijkt over kerkmuren heen

Uitgeleend
Jong geleerd. beeld VidiPhoto
5

Zuilichem, een klein dorp aan de Waal. Vroeger was het kasteel van Constantijn Huygens het visitekaartje van het dorp, nu is dat de toren van de hervormde kerk. Dit rustige dorpje in de Bommelerwaard is de thuisbasis van de Christelijke Bibliotheek, die elke vrijdagavond haar deuren opent voor leesgraag publiek.

Al sinds 1939 heeft deze bibliotheek het dorp en de omgeving van een gevarieerd aanbod aan boeken kunnen voorzien. Wat begon met 800 boeken in de consistorie van de gereformeerde kerk, groeide uit tot een echte streekbibliotheek die veel gezinnen voorziet van leesvoer.

Hoe is de bibliotheek ontstaan?

Aan de hand van een stapel oude notulen en uitgeknipte krantenartikelen geeft Lia van der Spek –secretaris van het bestuur– antwoord: „Vanuit de verschillende kerken van het dorp werd het idee geopperd om een bibliotheek te beginnen. Om dit te realiseren werd een comité opgericht, bestaand uit de dorpsonderwijzer Croin, de dominee van de gereformeerde kerk en de heer Fuykschot.” Er werden zo’n honderd boeken beschikbaar gesteld. Al in de Tweede Wereldoorlog groeide de verzameling uit tot een collectie van ruim 800 boeken, waarvan een deel uit de privécollectie van de comitéleden afkomstig was. „Croin was de zoon van een boekhandelaar, dus die zat wat dat betreft dicht bij het vuur.”

De bibliotheek is verschillende keren verhuisd, van bovengenoemde consistorie naar de pastorie van de hervormde kerk, daarna naar het koetshuis van die pastorie, daarna naar het huis van de heer Fuykschot. In de twintig jaar die volgden is de bieb nog eens vier keer verhuisd, om uiteindelijk terecht te komen aan het Poortwegje.

Jan Fuykschot is vanaf het eerste begin in 1939 tot aan het jaar van zijn overlijden betrokken geweest bij de bibliotheek. Woutje Bambacht, die algemeen lid is van het bestuur van de bieb, herinnert zich hem nog als de oude man die altijd stophoestjes uit zat te delen bij de uitleenbalie. In de notulen van een vergadering in 2003 staat daarover het volgende: „Jan deelt mee dat er veel kinderen komen, en dat hij het druk heeft met het uitdelen van stophoest.”

Welke criteria gelden er bij de selectie van de boeken?

Van der Spek: „Er mogen geen vloeken in staan, en de boeken moeten in moreel opzicht te toetsen zijn aan de Bijbel. Van sommige schrijvers weten we wel dat we hun boeken op kunnen nemen in de collectie. Boeken van nieuwe auteurs of nieuwe uitgeverijen worden van tevoren gelezen om te kijken of ze door de beugel kunnen.” Het assortiment van de bibliotheek bestaat voornamelijk uit jeugdboeken en romans, maar ook de sectie literatuur is populair. Die is nog niet zo lang geleden als aparte categorie ingesteld, voor die tijd stond de literatuur gewoon tussen de andere boeken. „Het is lastig om in een al bestaande organisatie een nieuw systeem aan te brengen. Fuykschot kende de hele nummering van de boeken uit zijn hoofd, en hij wist precies waar elk boek stond. Nu is dat niet meer bij te houden”, aldus van der Spek.

Wat wordt er gedaan om het aantal bezoekers/uitleningen op peil te houden?

„Dat gaat gelukkig vrijwel automatisch. Er zijn in de omgeving niet veel bibliotheken, en de bibliobus is opgeheven. We vullen dus een gat op. Generatie op generatie blijft lid, dat is de kracht van de bieb”, geeft Bambacht aan. De kleine bibliotheek moet het hebben van mond-tot-mondreclame, maar ook van het kraampje met tweedehands boeken dat ze elk jaar op de braderie heeft staan. Ook het feit dat de bibliotheek interkerklijk is, vergroot het publiek. Van der Spek: „Als de bibliotheek van een bepaalde kerk uit zou gaan, zou dat de drempel voor mensen uit andere kerken hoger maken.” Zo doorbreekt de bieb grenzen en verbindt mensen uit verschillende kerken met elkaar. Dit is zeker te zien in het bestuur, waarin bijna alle verschillende kerkverbanden uit de regio vertegenwoordigd zijn.

Wat is het oudste boek uit de collectie?

Beide bestuurdsleden moet het antwoord op deze vraag schuldig blijven. Van der Spek: „Ik was al bang dat je deze vraag zou gaan stellen, maar nee, dat weten we echt niet.” Of ze een gokje durven wagen? „Heel oud, in elk geval. Maar hoe oud, dat weten we niet.”

Hoe gaat de bibliotheek om met de digitalisering?

In de bibliotheek zelf is geen internet. Dat zou te veel geld kosten, wat als gevolg zou hebben dat er geen nieuwe boeken meer ingekocht kunnen worden. Alles wordt bijgehouden met een computer – men is wel afgestapt van het ouderwetse kaartenbaksysteem. Volgens van der Spek heeft het ontbreken van internet in de bibliotheek ook nadelen: „als ik iets op moet zoeken, bijvoorbeeld of we een bepaalde serie wel compleet hebben, moet dat thuis.”

Van vergrijzing heeft de bibliotheek geen last. Bambacht: „Gelukkig is er genoeg instroom van jonge mensen. Jonge stellen, die eerst meeliftten op het lidmaatschap van hun ouders, worden zelf lid, en laten hun kinderen weer boeken uit de bibliotheek halen.” „Ons jongste bestuurslid is 16 jaar oud”, zegt Van der Spek, terwijl ze door de oude notulen en bestuursdocumenten bladert. En even later, een beetje verbaasd: „Maar hier in de statuten staat dat dat eigenlijk helemaal niet mag!”

De kracht van de kleine bibliotheek, die helemaal op vrijwilligers draait, ligt in de persoonlijke benadering. „Soms komen er mensen met een bepaald boek, en dan zeggen wij: Zou u dat wel doen? Misschien moet u iets minder spannends nemen. Of mensen vragen: Denken jullie dat ik dit boek mooi zal vinden?”

Bij de uitgang staat een uitnodigende pot met snoepjes. Alle kinderen mogen –pas als ze weggaan, benadrukt van der Spek– een snoepje pakken. Het oude snoepjesbeleid is dus nog niet veranderd, ook al zijn er geen stophoestjes meer.

www.rd.nl/uitgeleend

De Christelijke Bibliotheek Zuilichem

Met 155 leden in het bestand lijkt de Zuilichemse bibliotheek kleiner dan ze in werkelijkheid is. Vaak is maar één persoon uit een gezin ingeschreven als lid, terwijl het in de praktijk het hele gezin is dat boeken komt lenen. Het oudste lid is ongeveer 85 jaar oud, terwijl de jongste leden nog maar baby’s zijn. De bieb beschikt –volgens de laatste telling– over ruim 11.000 boeken, variërend van kleuterboeken tot theologie, van literatuur tot tijdschriften.

Eén keer in de week, op de vrijdagavond, is de bibliotheek geopend. Omdat de hele organisatie drijft op de inzet van vrijwilligers, is het niet haalbaar de bibliotheek meerdere avonden per week te openen. Mensen uit de hele regio komen naar Zuilichem om er boeken te lenen.

De bibliotheek werkt niet met abonnementsgeld. Leden betalen per boek dat ze lenen. De eerste week bedragen de kosten zestien cent per boek, en voor elke week daarna twintig cent. Als mensen een tijd lang geen boeken lenen, kost het lid zijn van de bieb hun dus niets.

Zomerserie Uitgeleend

Dit is het laatste deel van een vijfdelige serie over bibliotheken in Nederland.