Toegespitst: Christen past stilte
Voor gereformeerde christenen heeft Stille Zaterdag nauwelijks betekenis; met de paasdagen in aantocht overheerst vooral de drukte. Er is echter alle reden voor eerherstel van deze dag. Want stilte is heilzaam voor de ziel.
De zaterdag voor Pasen heeft in de katholieke traditie zijn eigen plek. Op die dag is het stil in de kerk. ’s Avonds is er de paaswake, een gebruik dat ook voorkomt in de anglicaanse traditie en in sommige protestantse gemeenten. In reformatorische kerken is op paaszaterdag echter weinig te beleven; hooguit is er een zangavond.
Voor veel gereformeerde christenen is Stille Zaterdag slechts de dag tussen Goede Vrijdag en Pasen. Dat op zich is echter reden om meer aandacht aan deze dag te besteden. Het is immers de dag dat Christus in het graf rust. Deze zaterdag is tussentijd: tussen het sterven van Christus en Zijn opstanding. Maar tussentijd is geen verloren tijd; het is tijd van het heil.
Overdenking
Volgens een rooms-katholieke catechetische website verwijlt de kerk op Stille Zaterdag bij het graf van Christus. Ze overweegt Zijn lijden en sterven en ziet hoopvol uit naar Zijn verrijzenis. Deze bevindelijk klinkende zinnen brengen onder woorden waar het op paaszaterdag om gaat: stil zijn, om Christus’ lijden en sterven te overdenken én om met verwachting uit te zien naar Pasen.
Stille Zaterdag bepaalt bij de ernst van de dood. Christus is werkelijk gestorven. Hij gaat de weg van alle vlees. Als alles is volbracht, beveelt Hij Zijn geest in de handen van Zijn Vader. Daarmee valt alles stil, want wie in de stilte is neergedaald, zal de Heere niet prijzen (Psalm 115:7).
Op deze dag blijkt ook de ernst van de zonde. Er kan niet anders betaald worden dan door de dood van de Zoon van God. Christus betaalt de hoogste prijs: met Zijn kostbare bloed. Wie dit gelooft, kan slechts stil zijn: Dank, mijn Heiland, voor Uw lijden, voor Uw trouw tot in de dood!
De stilte van paaszaterdag is niet hetzelfde als eenzaamheid, al kunnen mensen zich juist rond de feestdagen eenzaam voelen. Als er niemand is om mee te praten, als mensen eenzaam zijn omdat geliefden zijn gestorven. Ook voor dat verdriet is er plaats op Stille Zaterdag.
De stilte van deze dag is echter meer dan weemoedig omzien. In de christelijke traditie is paaszaterdag niet alleen verbonden met inkeer, maar ook met verwachting. De Kerk houdt de pas in, omdat Jezus is gestorven. Tegelijk is echter de hoop van Pasen voelbaar. Christus is immers niet in de dood gebleven. Hij leeft! In de paaswake blijkt dit doordat de deelnemers uitzien naar het eerste licht van de nieuwe dag.
Tot stilte gebracht
De verbinding tussen ”stil zijn” en ”hopen” heeft Bijbelse wortels. Zo zegt David bijvoorbeeld in Psalm 62 dat zijn ziel stil is tot God, omdat zijn heil van God komt. En in Psalm 131 zegt David dat hij zijn ziel tot stilte heeft gebracht; het loopt in de psalm uit op de oproep om te hopen op de Heere, van nu aan tot in eeuwigheid (Psalm 131:4). Calvijn brengt deze verbinding tussen stilte en hoop prachtig onder woorden door te zeggen dat stil zijn te maken heeft met het geloven van de beloften van God. Stil zijn is geen passiviteit; wie stil is in de Bijbelse betekenis stelt Zijn vertrouwen op God.
Wie op paaszaterdag zó stil is, zit niet bij de pakken neer. Er is meer dan zonde en schuld; er is ook meer dan de ellende in deze wereld. Stille Zaterdag is niet alleen een dag van ernst, maar ook van verwachting van een nieuw begin. Christus heeft het immers Zelf beloofd: na drie dagen zal Ik opstaan (Lukas 18:33).
Oefening
Er is daarom reden genoeg om op paaszaterdag stil te zijn: persoonlijk voor Gods aangezicht. Maar waarom zou het kerkgebouw deze avond dicht blijven? Waarom zouden reformatorische christenen niet samenkomen om zich te oefenen in het stil zijn voor God? Het geloven van de beloften van God is het werk van de Heilige Geest, maar dat komt niemand aanwaaien. Dit vraagt om oefening.
In een hectische wereld moet de kerk iets hebben van een tegencultuur. Dit is de plek waar Christus vermoeiden en belasten tot Zich roept, om hen rust te geven (Mattheüs 11:28). Oefenen om stil te zijn voor God vraagt overigens ook iets van de gereformeerde liturgie. Want daarin is stilte veelal afwezig. De predikant is aan het woord, afgewisseld door de gemeentezang als antwoord. Maar Woord en antwoord vragen ook om stilte. De kerk is ook een plek voor stil gebed, voor verootmoediging in stilte en voor stille aanbidding. Juist in een wereld waarin mensen bang zijn voor stilte, zal de kerk moeten leren om stil te zijn. Wat dat betreft is het opvallend dat David in Psalm 131 zegt dat hij zijn ziel tot stilte heeft gebracht. Bij de oefeningen van het geloof hoort ook tot stilstand komen. Stille Zaterdag stelt christenen voor de vraag wanneer ze voor het laatst stil waren voor God; of is dit te veel gevraagd?
Hoop
Nog even terug naar de oud-kerkelijke liturgie van Stille Zaterdag. In de vroegchristelijke kerk liep deze dag uit op de doopbediening in de paasnacht. Catechumenen staan gereed om te worden gedoopt. Daarmee leggen ze hun oude, heidense leven af en belijden ze dat Christus hun Heiland is. De doopbediening betrekt hen persoonlijk bij Stille Zaterdag en Pasen. De dopelingen leggen hun oude kleding af en gaan het doopwater in: teken van met Christus begraven worden. En aan de andere kant ligt witte kleding klaar: teken van het opstaan met Christus tot een nieuw leven.
Ook als christenen vandaag die oude traditie niet meer kennen, laat ze wel zien waar het op aankomt. Stille Zaterdag is een dag van voorbereiding, een dag van oefening om op het heil van de Heere te hopen. Wie op Christus vertrouwt, komt nooit beschaamd uit.
Morgen zal het Pasen zijn!
De auteur is hervormd predikant en docent-onderzoeker bij Driestar educatief. Dit is zijn laatste bijdrage aan Toegespitst.