Buitenland

Joegoslavië-Tribunaal op zoek naar celruimte

President Claude Jorda van het Joegoslavië-Tribunaal is er ontevreden over dat er zo weinig landen zijn die bereid zijn uitgeprocedeerde veroordeelden van het VN-hof over te nemen om hen hun straf te laten uitzitten. Dit verklaarde de Franse rechter maandag in Den Haag tijdens een gemeenschappelijke persconferentie met de Portugese minister van Justitie, António Costa.

ANP
5 November 2001 22:26Gewijzigd op 13 November 2020 23:15

Volgens een akkoord tussen Nederland en de VN mag het tribunaal zijn speciale cellen in de Scheveningse gevangenis gebruiken voor gedetineerden in voorarrest, tijdens het proces en tijdens de behandeling van het hoger beroep. Oorlogsmisdadigers die in de beroepsprocedure definitief zijn veroordeeld, moeten naar een ander land om hun definitief geworden straf uit te zitten.

Zeven landen hebben hierover een speciaal akkoord afgesloten met het tribunaal: Italië, Noorwegen, Zweden, Finland, Oostenrijk, Frankrijk en Spanje. Zo is de Bosnische Kroaat Erdemovic naar Noorwegen gestuurd om zijn straf uit te zitten, de Bosnische Kroaten Aleksovski en Furundzija naar Finland. Voor de Bosnische Serviër Dusko Tadic is een speciale regeling getroffen met Duitsland. Berlijn heeft (nog) geen algemene overeenkomst met het tribunaal over het uitzitten van straffen, maar was desondanks bereid Tadic toe te laten in een Beierse gevangenis omdat hij daar familie heeft.

Op zoek
Voor de definitief veroordeelden Jelisic ( de ‘Servische Adolf’), de Bosnische Kroaten Josipovic en Santic en de Bosnische Serviër Todorovic is het tribunaal nog op zoek naar een land dat hen wil opnemen. Jorda verwacht dat het probleem zich steeds meer zal stellen, gelet op „toekomstige ontwikkelingen". Er zitten meer dan veertig verdachten in de VN-cellen in Scheveningen van wie de procedure op een gegeven moment zal zijn afgerond.

Jorda wil uitgeprocedeerden „niet altijd naar de noordse landen sturen". Hij heeft weliswaar aanbiedingen gehad uit Afrika en andere werelddelen, maar wil daarop niet ingaan. „Onze verdachten zijn uit Centraal-Europa", aldus Jorda. „Wij willen hen niet van hen naasten verwijderen in een ver land."

Costa zei het tribunaal momenteel niet verder te kunnen helpen omdat de Portugese gevangenissen nog niet de nodige ‘kwaliteit’ kunnen bieden. Wel is Lissabon in onderhandeling met het tribunaal over een getuigenbeschermingsprogramma. Bedreigde getuigen krijgen soms de gelegenheid een nieuw leven op te bouwen in een ander land.

RD.nl in uw mailbox?

Ontvang onze wekelijkse nieuwsbrief om op de hoogte te blijven.

Hebt u een taalfout gezien? Mail naar redactie@rd.nl

Home

Krant

Media

Puzzels

Meer