Weer hebben de grote banken de spaarrente verlaagd

beeld ANP, Koen Suyk

Er lijkt voor spaarders geen einde aan te komen: de rente zakt almaar verder weg. In de afgelopen weken hebben de grootbanken hun percentages opnieuw verlaagd. Nog een paar stapjes naar beneden en er moet geld bij.

Begin september kondigde ING als eerste een volgende wijziging aan voor klanten met een vrij opneembare internetrekening, het meest gangbare product onder consumenten voor het aanhouden van hun financiële buffer. Het betrof een aanpassing van 0,4 naar 0,3 procent. Rabobank volgde vorige week met een zelfde mutatie. Bij ABN AMRO was het afgelopen maandag zover.

Spaarders zien sinds 2012 hun rendement verschrompelen. Vier jaar geleden betaalde Rabobank bijvoorbeeld nog 2,4 procent uit. De oorzaak van de daarna gestaag neerwaartse lijn zal zo langzamerhand bij iedereen bekend zijn: de Europese Centrale Bank (ECB) voert een extreem ruim monetair beleid. De door Mario Draghi geleide instelling pompt op opgekende schaal liquiditeiten in de economie om de groei aan te jagen. Zij heeft haar rentetarieven teruggeschroefd naar niet eerder bereikte niveaus.

Voor commerciële banken die bij haar lenen is die vorm van financiering sinds maart van dit jaar gratis. En als zij in Frankfurt tijdelijk overtollige kasmiddelen stallen, ontvangen zij daarover, anders dan in normale omstandigheden, geen vergoeding, maar moeten zij 0,4 procent bijleggen. Dat alles werkt door in de tarieven die ING, Rabo, ABN en de rest van de financiële bedrijven hanteren. Geen ervan kan zich daaraan onttrekken.

Inflatie

Overigens bieden tal van spelers particulieren voor direct opvraagbare tegoeden nog wel een hogere rente dan het genoemde trio van grote concerns. Bovenaan de lijst staat op dit moment Nationale Nederlanden met 0,8 procent. Ook bij onder andere Argenta, MoneYou, LeasePlan (allemaal 0,7 procent), SNS Bank (0,65 procent), NIBC, Regio Bank en OHRA (0,6 procent) zijn de condities duidelijk aantrekkelijker.

Armanda Bulthuis van de vergelijkingssite spaarrente.nl zegt over die verschillen: „Grootbanken hebben meer overhead dan kleine internetbanken, meer kosten voor kantoren en personeel. Zij kunnen daardoor niet zo makkelijk hogere rentes toekennen. Wat ook een belangrijke rol speelt is dat veel mensen standaard kiezen voor een spaarrekening bij een bank waar ze al zitten. De grote banken hoeven daardoor minder hun best te doen om geld aan te trekken.”

Een geluk voor de spaarder is dat de inflatie zich eveneens op een zeer laag peil beweegt: in augustus, –het prijspeil van jaar op jaar vergeleken– 0,2 procent. Daardoor duikt de reële rente tot dusver niet in de min. Maar iemand met een wat forser vermogen draagt boven een bedrag van ruim 21.000 euro (voor echtparen het dubbele) 1,2 procent aan vermogensrendementsheffing af aan de fiscus. Dan boer je alleen maar achteruit en wordt de koopkracht van je reserve uitgehold.

Wie zijn beschikbare kapitaal voor langere tijd wil vastzetten, kan een iets hogere intrest behalen. Maar zelfs tien jaar vastzetten levert bij Nederlandse marktpartijen niet meer op dan zo’n 1,5 procent. Dat illustreert dat er binnen afzienbare termijn op het rentefront geen kentering te verwachten is.

Bigbank, een bank uit Estland die hier online activiteiten ontplooit, biedt de hoogste rente op een deposito. Dan praten we over 1,25 procent bij één jaar vast, 1,4 procent bij twee jaar vast en 2 procent bij tien jaar vast.

Velen zullen zich Icesave uit IJsland herinneren, dat stuntte met hoge rentes en vervolgens in 2008 failliet ging. Gelukkig voor de rekeninghouders bood de Nederlandse overheid compensatie voor de verliezen. Is het wel veilig om aan een eveneens onbekende buitenlandse bank als Bigbank je geld toe te vertrouwen? Bulthuis: „In principe wel. De EU heeft het zo geregeld dat voortaan in het geval van problemen bij alle banken die in een EU-land opereren tegoeden tot 100.000 worden terugbetaald. Ook Bigbank valt onder dat zogeheten depositogarantiestelsel.”

Negatieve percentages

Inmiddels daalt de rente steeds verder richting nul, of nog lager. Zijn we dichtbij de situatie van negatieve percentages? Voorlopig nog niet, denkt Bulthuis. „Nul is nu, als het om particulieren gaat, voor alle banken echt wel de bodem. Ze weten dat consumenten hun geld thuis gaan bewaren als je negatieve spaarrentes invoert. Dat zag je bijvoorbeeld gebeuren in Japan. Dus zullen banken niet zo snel die stap zetten.” Zij hebben al wel aangegeven dat ze in technische zin de voorbereidingen treffen voor een rente in de min. Bulthuis: „Maar daar zullen ze eerder toe overgaan bij zakelijke klanten.”