Bart van U. sluit af met Bijbeltekst uit Lukas

beeld ANP

„Vergeef het mij. Wat er is gebeurd, doet pijn. Het hoort niet. Het is zo triest, zo afschuwelijk. Nogmaals bied ik mijn excuses aan aan beide families.”

Dat zei Bart van U. (40) vrijdagmiddag in zijn laatste woord bij het gerechtshof in Den Haag. Daar werd vrijdag in hoger beroep acht jaar cel en tbs tegen hem geëist voor de moord op oud-minister Borst in 2014 en op zijn eigen zus Loïs in 2015. Zoals gebruikelijk heeft een verdachte aan het eind van de behandeling van zijn zaak zelf het zogeheten laatste woord.

„Het is zo erg wat er is gebeurd. In mijn cel heb ik tranen met tuiten gehuild”, zei Bart van U. Terwijl hij de afgelopen dagen telkens in het verdachtenbankje bleef zitten, ging hij vrijdagmiddag staan. Trillend op zijn benen deed de Rotterdammer zijn laatste woord. Dat duurde enkele minuten. „Ik hoop dat de incidenten ons tot elkaar brengen. Waar liefde woont, gebiedt de Heer zijn zegen.”

Van U., die tijdens zijn laatste woord warrig leek over te komen, zei van zichzelf dat hij een „lieve en zachtaardige” jongen is. „Ik ben tegen geweld. Mensen zullen dat niet geloven, maar het is echt waar. Sommigen noemen me een engel. Ik heb mijn huis in Rotterdam opengesteld voor studenten.”

ANP-38398714Acht jaar en tbs geëist tegen Bart van U.

Van U. sprak over zijn kennelijke angst voor Marokkanen. „Vooral als ze zeggen dat Nederland over vijf jaar van hen is.” Hij had het over beledigende opmerkingen over Joden „en die kon je drie straten verderop horen.”

Van U. citeerde aan het eind van zijn verhaal uit Lukas 9. „Als nu Zijn discipelen, Jakobus en Johannes, dat zagen, zeiden zij: Heere, wilt Gij, dat wij zeggen, dat vuur van den hemel nederdale, en dezen verslinde, gelijk ook Elias gedaan heeft? Maar Zich omkerende, bestrafte Hij hen, en zeide: Gij weet niet van hoedanigen geest gij zijt. Want de Zoon des mensen is niet gekomen om der mensen zielen te verderven, maar om te behouden. En zij gingen naar een ander vlek.”