Stampij in Arnhem om baret Joodse advocaat

Loonstein. Foto ANP ANP

ARNHEM – Het dragen van een baret door de Amsterdamse advocaat prof. mr. H. Loonstein heeft deze week in het Paleis van Justitie in Arnhem geleid tot een aanvaring tussen hem en een collega. Die koppelde de baret aan de Joodse achtergrond van Loonstein en wilde daarom het hoofddeksel niet in de rechtszaal zien.

Nietsvermoedend wisselt Loonstein dinsdagmiddag in het gerechtsgebouw zijn keppeltje om voor een advocatenbaret, als plotseling een collega voor hem komt staan met het verzoek de baret af te doen. De Amsterdamse raadsman is totaal verbouwereerd, zo blijkt als hij een dag later verslag doet van de gebeurtenis. „Ik heb dit nog niet eerder meegemaakt in de dertig jaar dat ik advocaat ben.”

Volgens Loonstein wil zijn collega, mr. B. H. Niemann uit Velp, geen religieuze symbolen in de rechtszaal zien. „Mijn collega plaatste mijn hoofddeksel op één lijn met bijvoorbeeld een islamitisch hoofddoekje. Hij zag de baret als uiting van mijn Joodse geloofsovertuiging. Hij vond om die reden dat zoiets niet mag worden gedragen in de rechtszaal. Ik vertelde hem daarop dat de baret al sinds Napoleon onderdeel is van het advocatenkostuum, zij het dat tegenwoordig slechts een enkeling die nog draagt. De baret heeft dus niets met mijn religieuze achtergrond te maken.”

Omdat Loonstein zijn baret niet afdeed, vroeg de Velpse advocaat daarop aan het begin van de zitting aan de rechter of die Loonstein wilde dwingen zijn hoofddeksel af te doen. „Die antwoordde daarop terecht dat hij daartoe niet bevoegd was”, aldus Loonstein. „Zelf heb ik even geaarzeld om de baret af te doen en weer om te wisselen voor mijn keppeltje, maar ik wilde de zaak niet laten escaleren.”

Niemann bevestigt dat hij opmerkingen heeft gemaakt over de baret van Loonstein, maar wil op dit moment er niet meer over kwijt. „Er is inmiddels een klacht tegen mij ingediend bij de deken van de Orde van Advocaten en om die reden wil ik geen publiek gevecht over deze zaak aangaan.”

Loonstein, oud-hoogleraar Joods recht en nu nog onder meer voorzitter van de orthodox-joodse Cheiderschool, bevestigt dat hij een klacht heeft ingediend. Ook heeft hij per brief aan Niemann aangegeven deze zaak zeer serieus te nemen. „Sommige collega’s lopen in de zomer op blote voeten in sandalen, maar ik zal ze nooit vragen sokken aan te trekken. Dit herhaalde verzoek van Niemann heb ik als aanmatigend, beledigend en zeer intolerant ervaren, juist omdat hij het zag in het licht van mijn geloofsovertuiging. Dit is weliswaar een incident, maar het past helaas in de trend van verharding van onze maatschappij.”