Binnenland 3 augustus 2001

Stolp van onbekende ouderdom

Door L. Vogelaar
Woningtype: Friese stolpboerderij.
Opvallend kenmerk: een puntdak dat 11 meter hoog reikt. Pannen op het woongedeelte, riet op de rest. Aan de zonkant moet het riet eens in de 25 jaar worden vervangen, aan de andere kant gaat het anderhalf keer zo lang mee.
Bewoner: E. Boonstra.
Plaats: Oudemirdum, aan de weg naar Nijemirdum, in Gaasterland. Adres: Hoitebuorren 11. Betekenis: Hoites buurt. ,Vroeger heette de weg hier een tijdje Jan Schotanuswei, net als aan de andere kant van het dorp. Schotanus was een jongeman uit ons dorp die als militair in Nederlands-Indië om het leven kwam. De weg was smal en bestond uit hobbelige klinkertjes. In 1972 is hij verbreed en geasfalteerd."
Prijsklasse: in 1979 na taxatie aangekocht voor 48.000,-. ,Nu is hij misschien wel 5 of 6 ton waard." Dat betaal je in de Randstad voor een stevig hoekhuis. De prijzen liggen in het noorden nog altijd lager dan in de rest van het land.
Samenstelling huishouden: man (63), vrouw (58) en vier zoons (30, 29, 27 en 24 jaar). De dochter is getrouwd.
Beroep: boer. Begonnen met koeien. Sinds elf jaar ook witlof erbij. Boonstra trekt de deuren van de koelcellen open: ,Deze zijn een week oud, deze twee, deze drie. Na drie weken zijn ze al rijp voor de verkoop. Het meeste gaat naar de veiling, maar de derdeklas witlof verkopen we aan huis. Dat brengt veel gezelligheid. Maar met de witlof gaan we waarschijnlijk stoppen. We worden een dagje ouder en drie van de jongens werken ergens anders." 

Hoe oud is het huis? ,Dat weten we niet. De boerderij is in 1862 aangekocht door een Tuinier, in het voorgeslacht van m'n vrouw. Hoe lang de boerderij er toen al stond, is niet bekend. In 1938 is er een nieuwe buitenmuur omheengezet en is het dak verzwaard."

Hoe lang woont u hier? ,Sinds 1969, dus dat is 32 jaar."

Hoe bent u hier terechtgekomen? ,Een oudoom van m'n vrouw stopte hier toen met boeren. Tot zijn overlijden in 1979 huurden we het spul van hem."

Wat heeft u aan de boerderij veranderd? ,Veel. De eerste zomer woonden we in een hok hiernaast (een losstaand bakhuisje) en hebben we het interieur van de boerderij bijna helemaal weggebroken. Alles was nog ouderwets en het stonk naar 'peterolie'. Op zolder was er een spekhok (met een ijzeren deur) rond de schoorsteen; daar hing het spek te drogen. Die schoorsteen was zo gaar, dat hij na één tik instortte.

De woonkamer heeft nog dezelfde vorm als vroeger, maar de kelder en de opkamer daarboven hebben we vervangen door een zitkamer en een keuken. Die opkamer lag drie treden hoger dan de woonkamer. Daar sliepen de vorige bewoners. Je kon er bijna niet rechtop staan. Een keuken was er niet; er stonden wat petroleumstellen op een tafel in de hal. Die hal was roze geschilderd. 's Zomers woonden ze in het hok naast de boerderij.

In de stal was waterleiding, maar in huis niet. Er was geen badkamer; alleen een waterpomp in het achterhok. En de wc was buiten. Dat hebben we allemaal veranderd.

De ruitjes (zes per raam) zijn vervangen door grote ramen. Nu zijn die kleine ruitjes weer in de mode, maar dat lijkt ons niks: allemaal spinnenhoekjes.

De linden voor het huis waren meer dood dan levend; die zijn ook weggehaald. Voor het huis lagen drie groententuintjes: een voor de boer en twee voor zijn arbeiders. Er was een hoge haag en de oprijlaan was afgesloten met een slagboom, waarachter het paard vrij rondliep om het gras kort te houden. Zo ging dat toen.

Er waren op zolder wat slaapkamertjes. Daarvan had er maar één een deur. Die hebben we zelf in gebruik genomen. In een andere hadden we na verloop van tijd voor de jongens drie bedden staan, met ongeveer 15 centimeter tussenruimte, dus dat was heel benauwd. Later zijn er wat kamers bijgemaakt. En ze hebben nu allemaal een deur."

Buren: ,Ook allemaal mensen uit de oorspronkelijke bevolking. Aan de kant van Nijemirdum staan twee stolpboerderijen, van hetzelfde type en met ongeveer dezelfde indeling als die van ons, maar groter en hoger. Ze zijn eigendom van twee broers. Aan de andere kant staat een oud, wit huisje met "1814" op de voorgevel."

Leukste plek: ,Moeilijk te zeggen. 's Zomers is de leukste plek búíten het huis, als het mooi weer is. En 's winters binnen, rond de kachel. Een leuke plek is ook bij het raam. Daar hebben we een prachtig uitzicht op de zonsopgang."

Serie 100 jaar woningwet.

 Vorige afleveringen:
,Onze beste buur is de Waal"

 Krakers met theologie onder de arm

 Een tropische kas op zolder

 ,Varen op 't Wad, lijkt me prachtig"

 ,We wonen vrij, maar niet eenzaam"

 ,We loerden hier al wel even op"