Zichtbaarheid reikt verder dan verkiezingsposter

„Reformatorisch burgerschap op sociaal niveau vraagt veel meer inspanning. De handen uit de mouwen steken voor een groene buurt, overrompelt ons met een gevoel van ongemak” beeld ANP, Arthur Bastiaanse

Nu het stof van de verkiezingsperikelen neerdaalt, is het voor SGP-stemmers urgent om hun eigen burgerschap eens op te poetsen, stellen Gerjan van den Heuvel en Erik Oevermans.

De afgelopen weken prijkte het hoofd van SGP-voorman Van der Staaij op billboards langs de snelweg. Met daarboven in koeienletters: SGP. De partij van de gereformeerde gezindte wilde overduidelijk present zijn. En terecht, in verkiezingstijd. Maar de publiekscampagne is voorbij. De burger heeft gekozen. Wat blijft er van haar zichtbaarheid over?

In dagblad Trouw deed Lodewijk Dros, theoloog en chef van Letter&Geest, aan de vooravond van het Reformatiejaar een appellerende hartenkreet: „Refo’s, ik mis jullie.” Hij miste de refo’s bij het nadenken over het ikkerige individualisme, bij het nadenken over beleving, bij het nadenken over de grote thema’s in de samenleving.

Wij als reformatorische burgers worden dus kennelijk gemist. De refotraditie en de algemene cultuur groeien uit elkaar, concludeerde Dros.

Zoals de SGP in verkiezingstijd prominent aanwezig was, moeten wij als refo’s zo ook niet actief aanwezig zijn in de samenleving? Het lijkt erop dat de refo steeds liberaler wordt als het gaat om burgerschap. We trekken ons terug in individuele enclaves, doen mondjesmaat mee in (kleine) maatschappelijke initiatieven en we fluisteren af en toe wat in het publieke domein waar de grote debatten gevoerd worden. We zijn in onszelf gekeerd en richten ons op het kleine belang van de eigen groep, om Bart Jan Spruyt te parafraseren.

Loyaliteit

Natuurlijk herkennen ook wij de beschermingsdrang, om muren op te trekken en ons als groep te verschuilen in de zorgvuldig opgebouwde structuren. Maar daarbij putten we uit rijke bronnen die niet alleen heilzaam zijn voor onszelf, maar voor de gehele samenleving. Actief reformatorisch burgerschap is daarom urgent. Juist in een samenleving op drift. Een samenleving zonder bezield verband, zonder omlijnde waarden, heeft behoefte aan onze boodschap. In het delen van de rijke reformatorische traditie, moeten we niet alleen onze kerkelijke buurman betrekken, maar ook de ongelovige medeburger in de verstrooiing.

De zogenaamde postwaarheid-samenleving biedt kansen. Ieder verhaal mag immers meedoen in het publieke domein. Dat biedt reformatorische burgers kansen om te participeren in het publieke leven en volop mee te doen bij de vragen van deze tijd. De meest basale vorm van participatie is heel elementair: het opbrengen van loyaliteit voor de rechtsstaat.

Reformatorisch burgerschap krijgt ook gestalte op economisch vlak. Het komt aan op een actieve houding bij ondernemers en werknemers bij duurzame vraagstukken, verantwoordelijkheid en rentmeesterschap. Per slot van rekening ligt in deze tijd de nadruk op wat je doet, en niet zozeer op wat je zegt. ”Practice what you preach”, zou het adagium moeten zijn voor reformatorisch burgerschap. Waarden moet je dóén.

Oranjecomité

Loyaliteit aan de rechtsstaat en economische betrokkenheid zijn voor refo’s doorgaans geen bezwaar. Beide zijn immers inherent aan het alledaags bestaan. Reformatorisch burgerschap op sociaal niveau vraagt veel meer inspanning. Immers, maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen binnen een sportvereniging of een willekeurig Oranjecomité ligt ons niet zo goed. En de handen uit de mouwen steken voor een groene buurt overrompelt ons met een gevoel van ongemak; we achten het overbodig, zinloos en ”niet bij ons passend”. Maar juist op dit soort plekken krijgt samenleven als gemeenschap concreet gestalte. De buurt als speelveld van burgerschap.

Naastenliefde gaat verder dan alleen goeddoen aan de zwakken dichtbij en veraf. Naastenliefde betekent ook meedoen in de gemeenschap, in al haar veelkleurigheid. In de wereld staan, met God. Zijn we bereid om ons in te zetten voor de publieke zaak?

Reformatorisch burgerschap vereist dat we verder kijken dan ons individuele belang en in staat zijn om tot een eigen afweging te komen als meerdere waarden op elkaar botsen. En soms kan dat betekenen dat omwille van het maatschappelijke belang, we onze eigen behoeften moeten opschorten. Als op politiek niveau de SGP kan samenwerken met D66 en de SP, dan moet dat onderop in de samenleving ook kunnen.

Een reformatorische burger prijkt als een stad op een berg, wordt als positief contrasterend opgemerkt in de samenleving, om met historicus James Kennedy te spreken. Een refo hoeft geen socialist te zijn maar vertoont sociaal gedrag. Dat is reformatorisch burgerschap.

Gerjan van den Heuvel studeert Bestuurskunde en is praeses van het CSFR-dispuut in Amsterdam. Erik Oevermans studeert Filosofie en is landelijk praeses van de CSFR.