Alma-Tadema weer even thuis in Leeuwarden

”Mozes gevonden!” 1904 (particuliere collectie).
6

De noordelijke provincies Drenthe en Friesland weren zich deze maanden kranig op cultuurgebied. Naast de publiekstrekker van het Russisch realisme in Assen, trekt het Fries Museum in Leeuwarden succesvol –en terecht– het grote publiek naar de schilderijen van ”de Friese jongen” Lourens Alma Tadema.

Wie zich wil verbijten om het onrecht, de armoede en het leed in de negentiende eeuw in Rusland (wat evengoed in West-Europa speelde) moet naar Assen gaan. Wie zich wil vergapen aan de rijkdom en schoonheid van de elite van het Romeinse en Egyptische rijk, wendt de steven naar Leeuwarden. Maar nog beter is beide tentoonstellingen te bezoeken. En vergeet niet beide catalogi mee naar huis te slepen. Die geven nog heel lang naplezier.

Er zou een jongensboek over geschreven kunnen worden; de jonge notariszoon Lourens Tadema, geboren in 1836 in het Friese Dronryp, die als schilder-archeoloog wereldwijde bekendheid krijgt. Meest als schilder, hoewel dat niet los te koppelen is van zijn gedegen bestudering van de klassieke oudheid, vaak het thema van zijn schilderijen.

Kennelijk had Tadema later niet veel met zijn geboortedorp. Hoewel hij sprak van zijn ”geliefde Dronryp” kwam hij er slechts eenmaal terug, om zijn (tweede) vrouw Laura zijn geboortedorp te tonen. En begrijpelijk, al in zijn tweede levensjaar verwisselde hij Dronryp voor Leeuwarden. Toen Lourens vier jaar was, stierf zijn vader. Moeder bleef met vijf kinderen achter.

Marlies Stoter, die in de catalogus de levensbeschrijving van Tadema voor haar rekening neemt, vat alle (on)bewezen ‘sterke’ verhalen over Tadema samen. „In de meeste biografieën, komen, variërend in volgorde, dezelfde anekdotes terug over zijn onstilbare verlangen om te tekenen, zijn voorbestemde toekomst als advocaat of notaris, zijn ziekelijke aard en korte levensverwachting en zijn weerzin tegen school.”

Nu kan dat laatste wel op waarheid berusten, want als Lourens zestien is, verlaat hij het stedelijk gymnasium en verhuist naar Antwerpen om naar de Academie te gaan en kunstenaar te worden. Dat wordt hij, onder mentorschap van Louis De Taeye en Henri Leys. Zij leren hem dat uitgebreid historisch onderzoek de belangrijkste voorbereiding is voor een goed schilderij. Dat is bij Tadema niet aan dovemansoren gezegd. Vormen en decoratie, kleding, kapsels en accessoires moeten niet alleen historisch kloppen, hij werkt ze ook zeer gedetailleerd uit.

Huwelijksreis

Al op het gymnasium maakt Tadema kennis met de klassieke talen en de verhalen uit Egypte, Griekenland en Italië. Ze boeien hem kennelijk – zoals historie hem sowieso interesseert. Maar de werkelijke klik met de ‘klassieken’ ontstaat als hij met zijn vrouw Pauline in 1863 op huwelijksreis is in Italië. Het jonge stel bezoekt steden als Rome, Napels en Pompeï, waar grootschalige opgravingen worden gedaan. Vanaf die tijd heeft de schilder zijn focus gevonden en plaatst zijn onderwerpen steevast in een klassieke omgeving. Hoe Pauline die fascinatie ondergaat, blijft onbekend. Hoewel er een schets bekend is uit Pompeï (1863). Pauline staat er ook op... Ze heeft er maar een handwerkje bij gepakt.

Tadema verzamelt niet alleen kennis over de klassieke oudheid, maar ook voorwerpen van allerhande aard; archeologische vondsten, schetsen van andere kunstenaars. Zo stelt hij zijn eigen databank samen.

De archeologische opgravingen in de negentiende eeuw leveren veel informatie op over het leven in de klassieke oudheid. Maar het blijven veelal contouren, en stukjes. Het is Tadema’s verdienste die fragmenten verder in te vullen en kleur te geven. Tadema maakt het mythische verleden weer menselijk. „Wat ik altijd heb willen uitdrukken in mijn werk”, schrijft hij er zelf over, „is dat de oude Romeinen net als wij van vlees en bloed waren, en werden gedreven door passies en emoties.”

Artistieke proeftuin

Lourens Tadema breekt door, krijgt prestigieuze opdrachten en lijkt zijn draai te hebben gevonden. Dan sterft zijn vrouw Pauline, en de 33-jarige schilder blijft achter met zijn verdriet en zijn twee dochtertjes Laurence en Anna. Hij besluit het roer om te gooien en vertrekt naar Londen, waar zijn werk zeer gewild is. Daar ontmoet hij ook zijn nieuwe liefde: Laura Epps. De achttienjarige Laura wordt niet alleen zijn echtgenote, ook zijn model en muze. Op talloze schilderijen figureert de roodharige vrouw in klassieke scènes. Op een gegeven moment stopt Tadema daarmee uit angst haar „uit zijn leven te schilderen.”

Tadema is bezeten van de klassieke oudheid, dompelt zich er helemaal in onder. Zelfs zijn huis en atelier zijn een artistieke proeftuin, een schatkamer vol inspiratie, waar de kunstenaar naar hartenlust experimenteert met enscenering, objecten, materialen, licht en ruimte. Het huis is van top tot teen bekleed met kunst en exotische objecten, luxueuze stoffen en rijk versierde meubels. Zijn kunsthandelaar Ernest Gambart, die de vraag naar het werk van Tadema nauwelijks aankan, moppert: „Alma-Tadema besteedt zo veel tijd aan de inrichting van zijn huis dat hij amper aan schilderen toekomt.”

Als de schilder ruimte tekortkomt, koopt hij in Londen een villa aan Grove End Road. Het huis heeft 66 kamers en dit Casa Tadema wordt opnieuw tot in detail klassiek vormgegeven: Romeinse mozaïekvloeren, marmeren zuilen, zilveren koepels en sprookjesachtige doorkijkjes. Ook de tuin wordt aangepast; een grote vijver, een zuilengalerij, een kas en marmeren bassins met karpers. Veel klassieke schilderijen zijn gesitueerd in zijn Londense tuin.

Sir Lawrence Alma-Tadema overlijdt in 1912 op 76-jarige leeftijd. Zijn graf is terug te vinden in St.-Paul’s Cathedral in Londen. Na zijn dood neemt de waardering voor zijn werk in de kunstwereld af, maar hij blijft een publiekslieveling. Zijn werk is altijd kostbaar gebleven. Dat blijkt recent als een portret opduikt in Engeland. Tadema schildert zijn graveur Löwenstam en geeft het werk aan hem als huwelijkscadeau in 1883. Het schilderij blijft altijd in de familie. De waarde van het schilderij wordt geschat tussen de 230.000 en 350.000 euro. Het duurste werk van Alma-Tadema is onmiskenbaar ”Mozes gevonden!” Het verwisselde recent van eigenaar voor 36 miljoen dollar.

Succesformule

Het wereldwijde succes van Tadema ligt natuurlijk in de eerste plaats aan zijn vakbekwaamheid, een hoge graad van realisme met een bijna fotografische stofbehandeling. Als geen ander weet hij sfeer te scheppen, met licht te spelen, suggesties te wekken en het klassieke idyllische verleden vorm te geven en terug te brengen naar de menselijke maat. Wie zou niet een schilderij van Alma-Tadema in zijn huis willen hebben. Je raakt er nauwelijks op uitgekeken, vanwege de gedetailleerdheid.

Het is veelzeggend dat regisseurs van spraakmakende films als ”Quo Vadis”, ”De Tien Geboden”, ”Ben Hur” en ”Gladiator” hun beeld van de oudheid ontlenen aan de schilderijen van Tadema.

Naast vakmanschap beschikt de schilder ook over koopmanschap. De notariszoon is een geboren netwerker en zakenman. Hij regisseert alles zorgvuldig. Op feestjes legt hij vriendschappelijke en zakelijke contacten, met reproducties verleidt hij potentiële kopers en maakt handig gebruik van publiciteit om zijn bekendheid nog verder te vergroten. Zelfs zijn naam past hij aan. Lourens verandert hij in Lawrence, zijn tweede voornaam Alma gebruikt hij als achternaam. Zo wordt het Lawrence Alma-Tadema. Door van zijn voornaam een achternaam te maken zorgt hij er heel slim voor bij tentoonstellingen bovenaan in de indexen te staan. Zelf zegt hij: „Als ik aan het werk ben, dan ben ik 100 procent schilder. Maar als het af is, dan ben ik een koopman.”

Zijn zakelijk instinct deelt Alma-Tadema met zijn Nederlandse neef Hendrik Willem Mesdag. De twee welgestelde familieleden onderhouden een levenslange vriendschap. Ook hun vrouwen Laura Alma-Tadema en Sientje Mesdag-van Houten zijn erg op elkaar gesteld.

Ten slotte is er nog een reden –misschien wel de belangrijkste– dat Alma-Tadema zo succesvol is als schilder. „Als ik enige mate van succes heb verworven, is dat omdat ik altijd trouw ben geweest aan mijn eigen ideeën”

Compleet overzicht

Het Fries Museum heeft een onwaarschijnlijk aantal werken van sir Lawrence Alma-Tadema bijeengebracht, waarmee een compleet overzicht ontstaat. Verdeeld over zes zalen –in U-vorm– krijgen gaandeweg het leven en de ontwikkeling van de schilder een gezicht. Tientallen jaren zijn de schilderijen van Alma-Tadema afgedaan als zoetig, kitscherig. Op zich begrijpelijk, het impressionisme had zijn intrede gedaan. Krachtige penseelstreken, brede toets, gedekte, grijsachtige tinten – of juist heldere kleuren. Toch is Alma-Tadema daarmee tekortgedaan. De kwaliteit is van hoog niveau, vooral de wat vroegere historische werken hebben een afgewogen compositie. In latere werken bekruipt je soms het gevoel dat het een kunstje is geworden; de figuren zitten keurig op een rij en dat maakt het schilderij enigszins plat. Ook zijn voorwerpen soms net te gelikt gepositioneerd; zo gemakkelijk kan het effectbejag worden. Zoals een nieuwsfotograaf niet alleen het zwaarst getroffen punt opzoekt, maar er liefst nog een teddybeertje aan toevoegt.

Er is nog iets. Alma-Tadema toont ons Rome als een elitaire, maar harmonische samenleving waar welvaart, weelde en wijsheid heersen. Maar de corruptie, de intriges, de samenzweringen en het bloedvergieten blijven grotendeels buiten beeld. En het arme Rome, vol ziekte, zorg en onrecht, komt al helemaal niet aan de orde. De kunstenaar schets een sprookjesachtig beeld.

Dat neemt niet weg dat het Fries Museum een monument van een tentoonstelling heeft ingericht, die zeker bezocht moet worden. Wellicht goed om eerst naar Leeuwarden te gaan, daarna naar Assen. Dan stap je het sprookje uit en sta je weer met twee benen in de rauwe werkelijkheid.

”Alma-Tadema, klassieke verleiding” is tot en met 7 februari 2017 te zien in het Fries Museum in Leeuwarden.

friesmuseum.nl