De tijd op zak

beeld iStock
2

Om te weten hoe laat het is, heb je geen horloge meer nodig. We worden de hele dag omringd door displays die de tijd melden: computers, telefoons, ovens, auto­dashboards, lichtreclames. Niettemin is menigeen gehecht aan een klokje om de pols. Waarom eigenlijk?

In onze maatschappij speelt tijd een grote rol. We leven op de klok, of we dat nu willen of niet. Werk moet steeds efficiënter worden gedaan, wat vaak betekent dat dezelfde taken sneller klaar dienen te zijn. Veel mensen gaan op z’n minst een beetje gebukt onder hun volle agenda – zowel overdag als in hun vrije tijd. Als je met iemand hebt afgesproken, moet je er op tijd zijn, wat met haperend openbaar vervoer en toenemende files soms een grote uitdaging is. Met een half oog steeds de klok in de gaten houden, is een manier om in al deze omstandigheden een beetje de controle te houden.

Altijd weten hoe laat het is: is dat een voorrecht of een last? In ieder geval maakte de doorbraak van het horloge onze op de minuut nauwkeurige manier van leven mogelijk. Daarvóór speelde de tijd een heel wat minder dwingende rol. Veel mensen hadden genoeg aan de kerkklok. Ze moesten wel, ze hadden niets anders.

Digitale cijfers

Het is wel ironisch dat we tegenwoordig eigenlijk helemaal geen horloge meer nodig hebben om op tijd te zijn. De apparaten waar we in het dagelijks leven door omringd worden, melden haast zonder uitzondering hoe laat het is. Het display van een telefoon laat de tijd zien, computers tikken boven in het scherm de tijd af, het dashboard van de auto heeft een klok en de digitale cijfers op ovens, radio’s en koffiezetapparaten verspringen minuut na minuut. En dan niet te vergeten de talloze tijdmeldingen in de vorm van lichtreclames langs de weg.

Maar waarschijnlijk is de smart­phone inmiddels in ieder geval voor jongere generaties het belangrijkste middel om de tijd –en nog veel meer– te checken. Vroeger had je neurotische types die om de klipklap hun manchet omhoogschoven om op hun horloge te kijken. Dat veelzeggende gebaar is vervangen door een andere tic: steeds de telefoon pakken en het scherm tot leven roepen. Waarbij je je al doende weleens afvraagt waarom ook alweer.

Toch is het horloge nog bepaald niet uit het straatbeeld verdwenen. Eerder het tegendeel. Het lijkt wel alsof het steeds meer een statussymbool of in ieder geval een modeaccessoire wordt. Bij elk pak een ander horloge, zoiets.

Nauwkeurigheid

Draagbare klokken –zoals je een horloge zou kunnen omschrijven– bestaan al heel lang. In Zutphen is in 2013 een soort zonnewijzer uit 1300 opgegraven. Deze quadrans zou kunnen worden beschouwd als een voorloper van het horloge, in ieder geval qua functie.

Een belangrijke drijfveer voor de ontwikkeling van het horloge zoals wij dat kennen, was de behoefte aan nauwkeurig lopende uurwerken, onder andere voor navigatie op zee. Zwitserse bedrijven hebben daar een belangrijke bijdrage aan geleverd. Ook de uitvinder van het polshorloge, Patek Philippe, was een Zwitser. Daarvoor hingen meeneembare klokjes aan een ketting. Met zo’n zakhorloge had je de tijd letterlijk op zak.

Horloges maken is en was precisiewerk waar aanvankelijk veel handwerk aan te pas kwam. Voordat er sprake was van meer machinale massaproductie waren ze behalve een hulpmiddel om de tijd te bepalen dus ook –en misschien wel vooral– een statussymbool. De Eerste Wereldoorlog was hierbij een soort kantelpunt. Nadien kwamen horloges geleidelijk aan ook steeds meer binnen het bereik van de gewone man.

Mijlpaal

Al was het tot enkele decennia geleden nog altijd heel wat als je als kind je eerste horloge kreeg. In veel gezinnen bestond daarvoor een mijlpaalleeftijd. Als je tien werd, of elf, of twaalf, was het zover. Dat horloge was zo belangrijk dat menigeen het waarschijnlijk nog wel ergens in de kast heeft liggen. Of mogelijk zelfs nog draagt, alle baren van de modezee ten spijt.

Mijn Prisma is er in ieder geval nog altijd. Zonder bandje, met een nogal bekrast glas en een wat vergeelde nummerplaat. De reden dat hij ooit in een doosje met oorbellen, ringen, hangertjes en armbanden belandde, is in de vergetelheid verdwenen. Waarschijnlijk op een gegeven moment toch te meisjesachtig of te gedateerd bevonden.

Zou hij het nog doen? Het opwindwieltje voelt na jarenlang dagelijks gebruik nog altijd vertrouwd aan. De klok gelijkzetten –door het palletje iets naar buiten te trekken– gaat bijna automatisch. Zelfs het driftig tikkende uurwerk klinkt bekend.

Op eigen benen

Het heeft, terugdenkend, wel iets van een initiatiemoment, dat eerste horloge. Zolang je er nog geen had, was je ook niet zelf verantwoordelijk voor je tijd­management. Als het niet lukte om op tijd thuis te zijn, wat kon je er dan aan doen? Zonder horloge en bij gebrek aan een kerkklok in de buurt kon je je misschien nog wat op de stand van de zon richten. Zo die al scheen. Of misschien vertelde je rammelende maag je dat het wel zo ongeveer etenstijd zou zijn.

Maar zodra je een horloge had, veranderde dat. Vijf uur was toen opeens vijf uur. Je zette met een klokje om je pols zonder je dat bewust te zijn eigenlijk de eerste stappen richting volwassenheid en op eigen benen staan.

Een dag later loopt hij nog altijd, mijn oude Prisma. En op tijd ook. Misschien is het tijd om er weer eens een nieuw bandje bij uit te gaan zoeken.

----

Horlogetrends

Retro

De definitie van wat een mooi horloge is varieert van tijd tot tijd. In de gloriejaren van het kwartshorloge –met verspringende cijfers– hadden klassieke klokjes met een wijzerplaat opeens iets oubolligs. Maar nu niet meer. Er bestaat een levendige handel in oude horloges van vermaarde merken, soms gereviseerd, maar ook wel inclusief krasjes en butsen. Fabrikanten, zoals het Nederlandse bedrijf Prisma, brengen zelfs weer modellen uit de jaren vijftig en zeventig nieuw op de markt.

Zelfopwindend

Het enige wat je hoeft te doen om een zelfopwindend –ook wel: automatisch– horloge aan de praat te houden, is bewegen. Opwinden is niet nodig, een batterij zit er ook niet in.

Alles-in-een

Horloges krijgen steeds meer functies. Je kunt er hardloopprestaties mee bijhouden, je route bepalen, muziek afluisteren, je afspraken inkijken en foto’s op laten zien. Met als ultiem voorbeeld de Apple Watch.

Minimalistisch

Maar er zijn ook fabrikanten die kiezen voor eenvoud. Het Zwitserse merk Meistersinger brengt bijvoorbeeld horloges op de markt met maar één wijzer. Om te kiezen voor meer rust in een gejaagde tijd, als een soort tegensignaal.

----

Horlogeweetjes

- Volgens de etiquette dragen bruidegom en bruid op hun trouwdag geen horloge. Dat heeft een symbolische reden. Als je een klokje om je pols hebt, wekt dat de indruk dat je de tijd in de gaten moet houden, bijvoorbeeld omdat je nog een andere afspraak hebt. Voor de bruid is er ook een esthetische reden om het horloge thuis te laten. Dergelijke polssieraden passen vaak totaal niet bij de stijl van een trouwjurk.

- Horloges worden vaak aan de linkerpols gedragen. Waarom eigenlijk? Wellicht heeft het te maken met het feit dat de meeste mensen rechts zijn. Een horloge opwinden, zoals vroeger dagelijks moest gebeuren, gaat voor hen gemakkelijker met rechts. Het bandje sluiten ook. Als er knopjes aan een horloge zitten, worden die door de ontwerpers vaak aan de rechterkant van het klokje geplaatst. Dat lijkt ook een soort hint dat links dragen de norm is. Aan de rechterpols is het lastiger om zo’n knopje te bedienen.