Prof. Borgman: Alleen hoop is antwoord op crisis in wereld

Prof. Erik Borgman beeld Doopsgezind Seminarium
2

Moet de kerk zich aanpassen aan deze wereld? Deze wereld bevindt zich juist in een crisis en weet de weg niet. Prof. dr. Erik Borgman bepleit een spirituele of „contemplatieve” visie op het leven waarin we ontvankelijk zijn voor God als de dragende grond van alles en als alomvattend teken van hoop.

Dat stelt prof. dr. Erik Borgman in zijn nieuwe boek ”Leven van wat komt.” Borgman, hoogleraar publieke theologie en directeur van het Tilburg Cobbenhagen Center van Tilburg University, keert zich tegen allerlei activistische pogingen om de crisis in de samenleving op het punt van migratie, zorg, onderwijs en economie op te lossen. Hoop en vertrouwen zijn allereerst iets wat wij ontvángen, en wel van God, de Schepper van iedereen.

Een katholiek uitzicht op de samenleving is er volgens Borgman op gericht zich te laten gezeggen door wat zich „aan verbondenheid in goedheid en liefde” aandient. Hij spreekt van een „contemplatieve” houding, een houding die vanouds met name in kloosters gepraktiseerd is en die Borgman als dominicaan van binnenuit kent. In de lijn van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) stelt Borgman dat geloven niet een exclusieve waarheid is van iemand, maar een betrokkenheid (engagement) op het heil van iedereen, het verlangen naar het totale welzijn van de ander. Dit geloof is voor Borgman het enige fundament voor hoop op de toekomst.

Goede schepping

God heeft de wereld geschapen opdat die goed zou zijn. We moeten daarom kijken waar Gods gerichtheid op het goede zich in deze wereld manifesteert. Zo krijgen we zicht op het heil in deze wereld, dat volgens Borgman voor iedereen beschikbaar is.

Borgman vertrouwt op de realisering van het goede dat, ondanks alle dubbelzinnigheid, uiteindelijk schuilgaat in het gedrag van mensen. „Laten wij bronnen van genade zijn voor elkaar”, schrijft hij, „vanuit de wetenschap dat wij zelf van genade leven. Het gaat om het geven van onvoorwaardelijk krediet aan de ander, zoals God ons onvoorwaardelijk krediet geeft en de zon laat opgaan over slechten en goeden.”

Volgens Borgman drukken schepselen in hun samenhang en relaties Gods overstromende goedheid uit. Deze uiting is gericht op het meer en meer realiseren van die goedheid, een gedachte die geheel in lijn staat met het denken van paus Franciscus. Borgman zoekt naar een contemplatieve gemeenschap waar de waarde van alle schepselen wordt gezien en iedereen tot zijn recht komt. Zo spreekt ook Franciscus van een mystieke, contemplatieve broederschap die sporen van God weet te ontdekken in ieder menselijk leven. De christelijke traditie is erop gericht zichtbaar te laten worden hoezeer wij door God geliefd zijn. Wij worden gelukkig wanneer wij met liefde antwoorden op de liefde die ons wordt toegedragen.

Dit meeslepende boek getuigt van grote belezenheid (wetenschappelijk en literair), maar het is soms lastig grip te krijgen op de theologie die achter dit alles steekt. Het laat zich –in de lijn van Franciscus– samenvatten als een universele liefde van God tot alle schepselen. Het is daarom een door en door katholiek boek dat de wereld en de mens wel erg optimistisch bekijkt.

Boekgegevens

”Leven van wat komt. Een katholiek uitzicht op de samenleving”, prof. dr. Erik Borgman; uitg. Meinema, Zoetermeer, 2017; ISBN 978 90 211 4396 5; 192 blz.; € 16,99.